MOOC8/59.11a
{18110508} 8
Maij 1811
Maria Barbera
Welman
C: Bird
Inventaris mitsg:s tauxatie van alle zodanige goederen, als ’er ab
intestato met ’ter dood zijn ontruimd ende nagelaten door Maria Barbera Welman
ten voordeele haaren nagelatenen man Andreas Triftshuijzer ter eenre en hunne
bij den anderen in echt verwekt dogtertje, gen:d
invoegen als het een en ander door den veldcornet Paulus Jordan, ter
presentie van twee getuigen, is opgenomen en in geschrifte gebragt, mitsg:s
door ons ondergetekende gecomm: Weesm: g’inventariseerd en getauxeerd in
maniere als volgt, namentlijk
Aldus g’inventariseerd en getauxeerd ter Weeskamer aan de Kaap de Goede
Hoop op den 8 May 1811 ende zulks op het op en aangeeven van den in den hoofde
deezes gem: weduwenaar, dewelke verklaarde in het doen inventariseeren deezes
boedels zig in alles ter goeder trouwe te hebben gedragen en zynes wetens niets
verzwegen of terug gehouden te hebben, van al het geen tot den boedel en
nalatenschap behoord, invoegen hy dan ook betuigde de deugdelykheid zyner
opgaave ten allen tyde des vereischt wordende met solemneele eede nader te
bevestigen en verdere belofte zo hierna nog iets tot gezegde nalatenschap
specteerende mogte worden ontdekt, daarvan nader en getrouwelijk ter Weeskamer
opgaaf te zullen doen ten einde deezen inventaris daarmede te amplieeren.
In teeken der waarheid is deeze ter presentie van ons gecommitteerde
Weesmeesteren ende my, Eerste Commis, door den inventarient behoorlyk
ondertekend.
Als gecomm: Weesm: A: V: Bergh, G:E: Overbeek
Voor den opgaaf: Jan Antreas Triftsheijser
Mij present: G:A: Watermeijer, E: C:
In het jaar 1807 mijn zoon Johannes Jacobus oud geworden 3 jaaren en 3
maanden en 17 dagen; den 18 September 1810 is gebooren mijn jongste soon den
19den overleeden; mijn vrouw is overleeden den 8:den September, den 10:den
September begraven.
Ik ondergetekende bekenne als borg te staan over de dogter van Johan
Andreas Drufsheijse genaamt Maria Barbera
Davit Jacob Roux
den 21 April 1811
Ik ondergetekende bekenne als borg te staan over de dogter van Johan
Andreas Drufshuijser genaamt Maria Barbera
Johannis David Kriel
den 27 April a:o 1811
| Maria Barbera Triftsheijzer oud 4 jaren | ter andere
zyde |
| | Rd:s |
| een ossen wagen met desselfs toebehoren | 200 |
| drie potten | 11 |
| een bed | 12 |
| een karn | 2 |
| een boter vat | 2 |
Beestiaal
| | Rd:s |
| zestien trek ossen | 256:-- |
| agt en dertig aanteelbeesten | 304:-- |
| twee honderd zeven en zeventig aanteel
schapen | 415:24 |
| twee honderd en dertig aanteel bokken | 230:-- |
Lijfeigenen
| | Rd:s |
| een slavin gen:d Regina van de Kaap met
haar kind Rosina gen:d,
mede van de Kaap | 600:-- |
| | Rd:s2032:24 |