MOOC8/57.7b
{18070602} 2 Juny 1807
Hester Lacya van der
Wald
J:C: Gie
Staat en inventaris van alle zodaanige goederen en effecten als met ’er
dood ontruimd en nagelaaten zijn bij wijlen Hester Lacija van der Walt ten
behoeve van haren nageblevenen man Jan Adriaan Venter Jan Albt:z:, mitsg:s de
door haar bij hem verwekte twee kinderen, in naame
vervolgens opgegeeven door voorn:de Jan Adriaan Venter, J:A:z: bij mij,
Theodorus Muller, Secretaris van ’t district
Graaff
Reinet en ter praesentie van de naten: getuigen in geschrifte gesteld,
bestaande dezelve in de navolgende, te weeten
Aldus door in den hoofde deezes gemeld Jan Adriaan Venter Jan Alb:tsz:,
onder praesentatie van eede opgegeeven en g’inventariseerd, denwelken
verklaarde zig daarin na zyn beste kennis en weetenschap gedragen te hebben met
belofte om wanneer namaals nog eenige goederen tot den boedel behoorende, mogt
koomen te ontdekken, dezelve insgelijks te zullen opgeeven.
Actum den 2:de Junij 1807 ter Secretarij aan
Graaff Reinet ter praesentie van de burgeren Floris
Coetzee, Jh:sz: en Andries de Klerk And:sz: als getuigen, die de minute deezes,
beneevens den comp:t ende mij, Secretaris, op een zegel van 12 stuijver
behoorlijk hebben onderteekend.
Quod attestor: Theod:s Müller, Secret:s
| 1) Jan Albert Venter, gebooren den 14:de April 1804 |
| 2) Johanna Alida Venter, gebooren den 15:den Januarij
1806 |
| een halfsleete ossewagen |
| een bed met zijn toebehooren |
| een geweer |
| een emmer |
| een blikke emmertje |
| twee klijne ijzere potten |
| twee kopere keteltjes |
| een vlees vaatje |
| vier hoepels |
| een thee potje |
| vier borden /:tinne:/ |
| een klijne schotel /:tinne:/ |
| zeven tinne lepels |
| vijf staale vorken |
| twee oude stoelen |
| een oude kelder |
| een kist |
Beestiaal
| veerthien trekossen |
| drie en sestig anteelbeesten |
| seven anteelpaarden |
| seshondert en seventig anteel schaapen |
| thien anteel bocken |
Schulden des boedels
| | Rd:s |
| aan Michiel Wolf aan de Kaap ,
over negotie blijkens reekening | 40 |