MOOC8/43.13
{18270413} 13 April 1827
Maria Geertruida
Esterhuize
Inventaris van alle zodanige goederen en effecten als op den 12:de April
dezes jaars met den dood is ontruimd, en ab intestato nagelaten door mejuffr:
Maria Geertruida Esterhuize laatst weduwe wylen Daniel François Laguerenne
Eindelyk wordt by deeze genoteerd dat de heeren Hermanus Christoffel
Esterhuizen en Gideon Johannes Joubert, laatst gem: als voogd van de
minderjarige jonge juffv: Johanna Justina van Niekerk, door den overledene in
leven bij huwelijk verwekt bij haare eerste egtgenoot, nu wijlen Willem Pet:s
van Niekerk, hebben gedeclareerd dat de goederen in deze inventaris
voortkomende, meestal door den overledenen is gekogt van zodanige renten geld
als meergem: Johanna Justina van Niekerk was competeerende, van zodanige
capitaal, als haar wegens vader’s bewijs is te beurt gevallen, en dies bij
deeze verzoeken dat de twee onmondige nagelatene kinderen, in name de zo
dikwijls genoemde Johanna Justina van Niekerk in huwelijk verwekt bij wijlen de
reeds gem: Willem Pet:s van Niekerk, en Daniel Francois Laguerenne j:r, in vol
bezit dezer goederen mogte blijven als wanneer zyl: aanneemen alle de kosten,
zoo tot begravenis, doctor’s als apothekers reekeningen te zullen voldoen, en
anders niet - P: Myburgh, fung: Wijkm:
Aldus door mij ondergetekende als waarnemende de functie van Wijkmeester
van het Wijk N. 1 bij indispositie van dezelve /en op het op-en-aangeven van de
heere Hermanus Christoffel Esterhuijzen en de jonge jufv: Johanna Justina van
Niekerke/ die verklaard hebben als zuiver te hebben opgegeven, zonder iets te
hebben agtergehouden, bereid zijnde deeze opgaaf ten allen tijde met solemnele
eede te bevestigen en zo ’er nog iets in den boedel mogte bevonden worden dat
hun thans onbekend is, deeze inventaris daarmede te zullen suppliëeren en
ampliëeren in presentie van de heeren Fredrik Lucas Lindenberg en Willem Daniel
Kriel, als getuige geinventariseerd aan het sterfhuis alhier ten dorpe
Stellenbosch, op heden den 13 April 1800 zeven en twintig.
Als getuige: F:L: Lindenberg, W:D: Kriel
Voor de opgaaf: H:C: Esterhuysen, J:J: van Niekerk
P: Mijburgh, fungeerend Wyksmeester
In de kamer ter regterhand
| een stinkhoute klederkast met twee zilvere sleutelplaatjes, waarin
zich eenige wynige kledingstukken bevinden |
| nota: bovengem: kast, behoord volgens declaratie van de jonge
jufw: Johanna Justina van Niekerk aan haar broeder Daniel François Laguerenne,
j:r |
| een stinkhoute aanzet tafel met een groene kleed |
| een stinkhoute thee tavel met lade en groene kleed |
| een stinkhoute kaart tavel |
| zes stinkhoute stoelen met matrassen |
| vyf stinkhoute stoelen met matrassen |
| nota: zes matrassen behoord aan Jacobus Theod:s Kriel, die door
den overledene van hem is geleend - deeze zin aan Kriel gerestitueerd P: v:
A: |
| een spiegel met vergulde lyst |
| drie ovale schilderyen |
| twee chitze ophaalgordynen |
| een klyne vloermat |
In de kamer ter linkerhand
| een ledikant met behangsels |
| een bed met kussens en dekens compleet |
| (nota) op declaratie van de jonge jufw: Johanna Justina van
Niekerk behoord bovengem: ledikant benevens het bed haar toe |
| een kadel met een bed - NB volgens declaratie van de h:r H:C:
Esterhuize is dit een kadel en bed, die hy, aan de jonge Daniel Laguerenne
heeft present gedaan |
| een kastanje houte thee tavel |
| een stinkhoute bed tavel |
| tien stoelen in soorte meestal defect |
| een oude staaf |
| een mat |
| een kleyne tapyt |
| een wasch tafel met lampet en kom - NB volgens declaratie van
meergem: jonge jufw: Niekerke hoord zulks haar toe |
In de voorhuis
| | een stinkhoute blad tavel |
| | een kajatehoute blad tavel |
| | een kajatehoute thee tavel |
| | twee stooven |
| | een spuw baly |
| | een water emmer met zyn bank |
| vier groote schilderyen |
| twee ovaale schilderyen - behoord aan N: Cumans op declaratie van
jonge deese Van Niekerk |
In de agterkamer
| een stinkhoute tavel kast - volgens declaratie van de h:r H:C:
Esterhuize behoord deze kast aan Johanna Justina van Niekerke, die door wylen
haar vader Willem Petr: van Niekerke aan haar is gegeven |
| een stinkhoute gerrydon |
| een thee tavel /defect/ |
| een spiegel met vergulde lyst |
| vier schilderyen /in soort/ |
| een spuw baly |
| een chitse ophaal gordyn |
In een ander agterkamer
| een ledikant met behangzel, bed, peuluw, vier kussens en een
halfsleeten chitse deken |
| een taveltje met twee laade /defect/ |
| een oude kadel /defect/ |
| een spiegel met zwarte lyst |
In de dispens
| een etens kast behoord aan de wed:e Nieuwenhuis - deeze is aan den
wed:e afgegeeven P: v: A: |
| drie schenkblaaden |
| dertig vlessen en bottels in zoorte |
| tien klyne vlessen in soorte |
| twaalf kopjes en 14 pierings in soorte |
| negen ronde schoteltjes in soorte /defect/ |
| een Chinasche spoelkom /defect/ |
| een tinne theepot /defect/ |
| een blouwe aarde theepot /defect/ |
| vyf potjes in soorte |
| twee ronde pastelyne pastyschootels |
| een rood kopere thee machine /defect/ |
| een aarde waterkruik |
| (2) twee aarde potte in soorte |
| een tinne koffykan met zyn kist |
| een tinne ketel |
| een blikke ketel |
| een bak met tien messe, negen en twintig vorke, twee tinne en een
eyzere lepel |
| drie groote witte aarde schootels |
| twaalf witte schootels in soorte |
| twee witte schootels met dekzels |
| drie witte sâla bakken |
| twee witte soupterrine /defect/ |
| drie sauspotjes in soorte /defect/ |
| elf vlakke borden |
| zes desert borden |
| vier groot pierings |
| twee brood bakjes |
| drie strykeyzers |
| een groote aarde kan |
| een klyne aarde kan |
| een geel kopere schaal en balans met zes stukken gewigt |
| twee karaffen /defect/ |
| een glaase konfyt pot |
| een pletty oly en azyn stander |
| drie bier kelke |
| elf wynkelke in soorte |
In de kombuis
| een kombuistavel /defect/ |
| een pottebank /defect/ |
| een water halfaam |
| twee emmers in soorte |
| vyf eyzere potte in soorte |
| een kopere kookketel |
| een rooster |
| twee drievoeten |
| een eyzere vork, twee eyzere lepels en een eyzere
schuinspan |
| een rak |
| twee blakers en twee snuiters |
| een vuurtang |
Op de zolder
| een scherm |
| een rak |
| vyfthien boeke in soorte |
| een paardehaare seeft |
| twee klyne kastjes |
| een klyne [kastjes] |
| een gemakhuis bril |
| een hoender korff |
| een taarte pan |
| een oude koffy molen |
| een katoene haspel |
| een kastje met wat bottels |
| twee spuw balies (in soorte) |
| een gordyn plank |
| een blok met zyn stamper |
In de kast in de kamer ter regterhand
| vier hoedjes in soorte |
| een ophaal gordyn |
| drie vuurmand kleede |
| twee kassa rokke |
| een roode zyde tabbert |
| zes doeke in soorte |
| vier tabberts in soorte |
| zes rokke in soorte |
| drie hembde |
| twee slaafe cabaayen |
| een spenster |
| een voerchitse tjaal |
| een zwarte sjerp, door de overledene aan haar dogter Johanna
Justina van Niekerke gegeven, op declaratie van gem: dogter - deeze zein aan
den dochter afgegeven P: v: A: |
| zes stoele overtrekzels |
| twee oude slaafmutse |
| een paar satyne schoenen |