MOOC8/36.36
{18200217} 17 February 1820
Johannis Niemand ,
Catharina Maria
Smit
S:V: Cloete
Staat en inventaris des boedels van Catharina Maria Smit en wylen haren
egtgenoot Johannis Niemand And:s z:n ab intestato overleden, door hen in
gemeenschap bezeeten geweest zijnde.
Ende zulks op het aangeven van bovengem:e Cath:a Mar:a Smith, ter
rekwisitie van den adj:t landdrost de weledele heer Willem Cornelis van
Ryneveld als hiertoe door het eerwaarde Collegie van Heeren Weesmeesteren in de
Kaap Stad verzocht zijnde, mitsgaders in geschrifte gebragt door my Georg
Christiaan Bergman beedigde Notaris, resideerende ten dorpe van ’t onderdeel
Caledon gelegen in ’t district
Swellendam , in presentie van de
hiernatenoemene getuigen, zo en indiervoegen, als hierna is volgende
Aldus g’inventariseerd op den zeventhiende February in ’t jaar onzes
Heeren een duysend acht hondert en twintig op de plaats gen:t de
Attacquas Kloof gel: aan de
Onrust Rivier in ’t smaldeel
Caledon , ende zulks volgens gedane opgave van
voorsch:e Cathar: Mar: Smit, weduwe wylen Johannis Niemand And:s z:n, dewelke
ook verklaarde zig daarin opregt en getrouw gedragen te hebben zonder deswegens
iets voorbedagtelyks te hebben verzweegen ofte agtergehouden, direct ofte
indirect, mitsdien bereid zijnde des verzocht wordende dezen met den
behoorlyken boedel eed te bevestigen met belofte verder om ingeval iets naders
ten voordeele ofte ten nadeele dezes boedels aan haar mogte voorkomen, als dan
deeze daarmede te zullen amplieeren, alles ten byweezen van d’ e: Johannis
Petrus Maree en George Fredrik Faustman als getuigen. Die de minuute dezes
benevens de inventariente ende my Notaris, mede behoorlyk hebben
ondertekend.
Quod attestor: G:C: Bergman, Notaris
In het voorhuys van ’t woonhuys
| een klap tavel |
| een thee tavel |
| een rak |
| drie stoelen |
| een kist |
| een kopere keetel /:schenk:/ |
| een tinne trekpot |
| eenige ledige bottels en een posteleyne kommetje |
In de kamer op de regter hand
| een thee tavel |
| twee aarde vet potten |
| een kopere strykyzer |
| een oude spiegel |
| twee kelkjes |
| thien witte aarde borden in zoort |
| zeven tinne leepels |
| zes yzere vorken |
| een katel |
| een keldertje |
| een lepel rak |
| twee kandelaars |
| twee borde rakken |
| een oude lessenaar, met rommeling |
| vier booren |
| een trek zaag |
| een span zaag |
| een doosje met oud yzer |
| een botervat |
| een bulzak |
| een peul |
| twee kussens |
| een combaars |
| een zift |
| vier zikkels |
In de keuken
| vier yzere potten in zoort |
| twee wateremmers |
| een kopere waterkeetel |
| een vleesch vork |
| een schuims pan |
| een pot lepel |
| een vleesch baley |
| een oude baley |
Op de zolder
| een deur kouzyn |
| eenige stukken ongemaakt hout gedestineerd voor vengsters |
Op de werf
| een oude ossen wagen |
| een voorstel van een ploeg |
In de kraal
| een reun paard |
| twee merrys [paard] |
| acht ossen |
| twee koeijen en twee kalvers |
| vyftig bokken |
Op de plaats van Stephanus Pet:s du Toit
Uitstaande penningen
| | van den weledele heer Petrus Stephanus Buissenne te
pretendeeren eene somma van zes duysend Kaapsche guldens, geevende interessen a
zes ten hondert s’ jaars, ingang nemende met den 10 Maart aanstaande, zynde
kooppenningen van haar gewezene opstal van de leenings plaats gen:d Attacquas Kloof |
| van den burger
Hendrik Oostwald Pieterse Piet z:n kooppenn:n van een paard, ryksd:s
vyftig |
| van de kasse van ’t district Swellendam agterstallige huurpenn:n van haar
geweezene plaats, zeven en dertig ryksd:s en vier schell: |
Schulden
| aan zoveel den burger Gerrit Swart Jac:s z:n uit den boedel te
vorderen heeft over drie vragten koorn, ryksd:s vijf hondert |
| aan zoveel Steph:s Pet:s du Toit uit den boedel te vorderen heeft
voor 12 schapen, ryksd:s vier en vijftig |