MOOC8/33.7
{18170614} 14 Junij 1817
Maria Bezuydenhout
S:V: Cloete
Staat en inventaris van alle zodanage goederen en inne schulden als wylen
de burgeresse Maria Bezuydenhout, laatst weduwe wylen den ingezeeten Bastiaan
Marjethz, gewoond hebbende op de plaats van d’ edelen Servaas Daniel de Kock
Josias zoon, gen:d de
Bot Rivier , gelegen
alhier aan de
Compagnies Drift , en aldaar op
den 15 April j:l: by den burger Josias Servaas de Kock Servaas zoon, ab
intestato met er dood ontruymd en nagelaten heeft.
Ende zulks op het op ende aangeven van evengem:e Jos:s Serv:s de Kock
Serv:s z: ten verzoeke van den adj:t land:t Jan Hendrik Frouenfelder, voor het
Eerwaarde Collegie van Heeren Weesmeesteren aan de Kaap de Goede Hoop,
mitsgaders in geschrifte gebracht door my Georg Christiaan Bergman, Beëdigde
Notaris, resideerende in het dorp van het onderdeel
Caledon , in het district
Swellendam , ter presentie der hiernagenoemde
getuigen, zoo en in diervoegen als hierna is volgende
Compareerde voorm:e Josias Servaas de Kok Servaas zoon, woonende alhier in
de nabyheid van de
Botrivier , dewelke /:onder
presentatie van eede:/ verklaarde in het op ende aangeven der voorenstaande
inventaris, zoo der goederen als inne schulden dezes gemeen zynde boedels, als
in het hoofd biedend is vermeld, zig in alles opregt en getrouw gedragen te
hebben, zonder deswegens iets voorbedagtelyks te hebben verzwegen ofte
agtergehouden direct of indirect, met belofte zoo hy hiernaamaals iets mogt
ontdekken, als dan daarvan behoorlyk nader opgaaf te zullen doen.
Aldus g’inventariseerd ter adjunct drostdye te
Caledon voorm:d op den veertiende Juny 1817 in het
byzyn van den voorlezer alhier Dirk de Vos Dirk zoon en den burger Mathys
Johannis Lourens Cornelis zoon als getuigen die de minute deser benevens den
inventarient ende mij Notaris, mede behoorlijk hebben onderteekend.
Quod attestor: G:C: Bergman, Notaris
| een houte kist |
| in dezelve |
| een blikke trommel met een restant thee |
| een beugeltas met een geele beslag, waarin een zilvere zak
horologie met een kopere ketting, twee paaren zilver gespels, en veerthien
dubbeltjes koper geld |
| een beugeltas waarin een schaar, nadelkooker, vingerhoed en een
dubbeltje aan koper geld |
| twee blikke kaarse vormen |
| een boyan pot |
| een kopere stryk eyzer |
| een vles en twee halve bouteltjes defect |
| vier tinne borden |
| twee kopere kandelaars |
| twee blikke bakjes |
| twee yzere lepels en twee yzere vurken |
| vyf blikke doosjes en een blikke worst hoorn |
| vier halve bouteltjes met een wynig zuiker etc:a daarin |
| vier porceleine potjes etc:a |
| een naaymandje met verscheyde naalden etc:a daarin |
| twee stukken zeep |
| agt boeken in zoort |
| een zak spiegeltje |
| drie ledige zakjes met een bril |
| een knyptang en verscheyde yzere booren etc:a |
| een grote Bybel |
| een oude zak met nieuwe en oude kleederen etc:a |
| een oude opend kistje |
| een topatje met differente papieren |
| apart |
| een ring defect en |
| een stoof |
| een oude zak waarin een oude kopere water keetel en |
| een oude zak waarin een klyne bed, vier kussens, een combaars,
een oude vrouwe rok en een oude vrouwe jas |
Aan contanten
| drie ryksd:s en vier schell: papier geld |
Inne schulden
| een onderhandsche obligatie d:d: 13 Octb:r 1816 groot aan capitaal
een hondert ryksd:s benevens de renten, zedert evengem:e datum, ten lasten van
den ingezeeten alhier, Jacobus Ilzebethd, en |
| een onderhandsche obligatie d:d: 1 Octb:r 1816 groot aan capitaal,
per rest twee hondert vier en veertig ryksd:s benevens de renten à 6 pc:t
zedert evengem:e datum, ten lasten van den burger Josias Servaas de Kock |