MOOC8/20.47
{17931224} 24 December 1793
Wilhelmina Zeeman
Höhne
Inventaris van alle soodanige goederen en effecten als ’er op den 14:e
deeser loopende maand December metter dood zijn ontruimd ende naargelaaten door
juffrouw Wilhelmina Zeeman ten voordeele van haaren overgebleevenen man, den
capitain ter zee in dienst der Ed: Oostindische Maatschappije de manhafte
Johannes van der Plas zijnde denselven ’t laatst op den 5:e Maart deeses
jaars met ’s E:s Comp:s schipvan hier naar
Batavia vertrokken, ter eenre, mitsgaders
haare bij gemelden manh: J: van der Plas in echt geprocreeerde kinderen,
genaamt
Zijnde denselven boedel vermits, volgens de gedaane opgaaf van den
overleedene moeder juff:w de weeduwe Pieter Zeeman d’ oude en den sig alhier
ter plaatse bevindende generaale gemagtigde van den overgebleevenen weeduwenaar
den oud oppermeester in dienst der E: Comp: s:r Jacobus Johannes van den Berg,
geene testamentaire dispositie onder de boedel papieren is gevonden door ’t
Eerwaarde Collegie van Heeren Weesmeesteren deeser steede ex officio aanvaard,
mitsg:s de goederen daartoe behoorende voor soo verre sig deselve alhier aan
Cabo zijn bevindende door ons ondergeteekende gecomm: Weesmeesteren, opgenomen
en ten papiere gebragt en bestaande deselve in de volgende, als
zijnde wijders nog in evengemelde bureau gevonden
welke laatstgemelde doosje met het geene zig daarin bevind, volgens de
opgaaf der overleedene moeder, juff:w de weed:w Pieter Zeeman d’ oude, is
toebehoorende aan de minderjarige kinderen in den hoofde deeses gemeld, te
weeten
dus te saamen eene somma van twee hondert drie en veertig rijxdaalers en
vier en veertig stuijvers door s:r J:J: van den Berg ter Weeskamer
ingebragt
omtrend welke schuld alhier word genoteerd, dat des overgebleevene
weeduwenaar generaale gemagtigde hier ter plaatse meermelde s:r Jacobus
Johannes van den Berg heeft gedeclareerd, door zijnen gem: principaal
speciaalijk gelast te zijn de debitrice geduurende haar levenstijd, tot de
voldoeninge derselve nooit aantespreeken of haar dieswegens lastig te vallen,
maar alleen in gevalle zij mogte komen te overleijden, deese praetensie ten
lasten haares natelatenen boedels behoorlijk optegeven
P:M: word alhier bekend gesteld, dat de twee minderjarige kinderen
benevens de drie leifeijgenen des boedels door ons gecomm: Weesmeesteren metter
woon geplaatst zijn bij meergeciteerde juff:w de weed:w Pieter Zeeman d’ oude
tot tijd en wijle hunlieden vader en lijfheer alhier ter plaatse zal zijn
gearriveert, en daaromtrend nadere schinkingen kunnen werden beraamd - zullende
zij middelerwijl voor ’t onderhoud en behuisinge derselve genieten eene somma
van twaalff rijxdaals ’s maands en nog bovendien, zoo lange ’t jongste kind
komt zuijgend te zijn, wegens het te betalene minneloon, ’s maandelijks haare
praetensie ter Weeskamer indienen
Aldus gedaan en geinventariseerd op den vier en twintigsten dag der
maand December des jaars een duijsend zeeven hondert drie en neegentig - aan
Cabo de Goede Hoop ten huijse van vooren geciteerde juff:w de weed:w Pieter
Zeeman d’ oude alwaar de juffrouwe overleedene is woonagtig geweest, ende
zulx op ’t op en aangeeven van den oud oppermeester in dienst der E:
Compagnie s:r Jacobus Johannes van den Berg voormeld, in qualitijd als
generaale gemagtigde van de manh: Johannes van der Plas, beneevens bovengem:
juff:w de weed:w Pieter Zeeman d’ oude, dewelke betuijgden zig daarinne ter
goeder trouwe gedragen en hunnes weetens niets versweegen te hebben wat tot den
boedel en nalatenschap behoorde, met belofte zoo wanneer in der tijds nog iets
mogten komen te ontdecken tot den boedel relatie hebbende, zulx behoorlijk
nader te zullen opgeeven omme als dan deesen inventaris daarmeede te kunnen
ampliëeren, en onder praesentatie hunne gedaane opgaaf des vereischt werdende
ten allen tijde met solemneelen eede te zullen bevestigen tot zeekerheid van
’t een en ander is deesen inventaris door hunl:d, benevens ons gecommitteerde
Weesmeesteren ende mij Secretaris eigenhandig gesubcribeert.
Als gecomm: Weesm:stn: W:J: van Oostersee, A: Berrangé
Voor den opgaaf: J:J: v:d: Berg, weduwe Zeeman gebore Catrina
Verbeek
Mij present: J:P: Faure, Secret:s
| 1) Catharina Wilhelmina oud 22 maanden en |
| 2) Rutger Justinus van der Plas oud 11 maanden |
| een cabinet met laaden waar in |
| een doos met doopgoed |
| vier vrouwe hoeden |
| een gaase muts |
| negen en twintig vrouwe hembden |
| drie mans hembden |
| drie en twintig kussensloopen |
| vijf lakens |
| derthien servietten |
| zeeven baatjes |
| vier korte hembdjes |
| twee strookdoekjes |
| derthien borstrokken |
| vier witte lijfjes |
| agt kabaaitjes |
| vijfthien doekjes |
| vier suises met een rok |
| zes amazonen met drie rokken |
| vier tabbaards |
| vier gonnen en rocken |
| twee witte broeken |
| een spreij |
| een vuurmande kleed |
| een wiegkleed |
| een en twintig paaren cattoene vrouwe koussen |
| vijfthien zakken |
| drie paaren schoenen |
| een paar muilen |
| neegen rocken in zoort |
| een chitse cabaaij |
| een bureau waarin |
| een groote zilvere soupleepel |
| twaalff messen met zwarte zilver gemonteerde heften |
| vijf en dertig messen met pletie heften |
| een en twintig klijne desert messen met pletie heften |
| twaalff zilvere handleepels |
| twaalff zilvere vorken |
| twaalff zilvere klijne confituur leepeltjes |
| agt zilvere confituur vorkjes |
| drie zilvere zoutschopjes |
| vier paerl d’ amoure zoutschopjes |
| een goud zak horologie met een staale haak waaraan twee
berlocquen en een goude ring met steentjes ingevat |
| een goud horologie met een goude ketting waaraan twee
berlocquen en twee sleutels |
| een paar zilvere schoengespen |
| een paar goude mouwknoopjes met robijen beset |
| vier goude borstspelden |
| een paar goude oorringetjes |
| een zilvere braaijhoutje |
| een ijvoore braaijhoutje |
| een zilvere hairschuijf |
| een goude naalde kooker |
| een zilvere kurkentrekker |
| een zilvere vingerhoed |
| een zilvere naaijring |
| een goude ring met zeeven diamante steenen |
| een goude ring met een groote en differente klijne
steentjes |
| een goude ring met pairlen beset |
| een goude lid ring met juweele steenen |
| een goude ring met een amatishe steen /:defect:/ |
| een goude duijmring |
| een zilvere boekje |
| een agate doosje met kooper gemonteerd |
| een paar arm brasseletten met goude slootjes |
| een goude horologie ketting /:defect:/ |
| twee eau d’ lavant glaasen waarvan eene met een stopper
gemonteerd met zilver |
| vier vogelglaasjes |
| zes glaase confituurbakjes |
| een verrekijker |
| vijf en vijftig paaren nieuwe witte cattoene koussen |
| een hondert drie en veertig pakjes wit gaaren |
| een stuk bruijn gestreept, lang 33 ellen |
| een stuk dimet ontgonnen, gebruikt |
| een stuk fijn linnen |
| zeeven pakken breed floret band |
| twee en twintig pakken smalder floret band |
| een ongemaakte chitse rok |
| agt en twintig pakjes restante knoopen in differente
zoorten |
| drie lappen doerias, gebruikt voor den kinderen |
| een doos met Chinaasche bloemen |
| drie waaijers |
| een galanterie doosje waarin |
| een paar zilvere gespen met goud gemonteerd en steentjes
ingevat |
| een paar goude hand knoopjes met steenen |
| een paar goude oorringetjes |
| een paar goude handbrasseletjes met goude slootjes |
| de gespen aan Rutger Justinus en |
| de overige stukken aan Catharina Wilhelmina van der Plas,
en |
| aan opgemelde weeduwe Pieter Zeeman ter bewaaringe zijn in
handigt |
| twee buffet kasjes |
| een ledikant met wit linne behangsel waarop |
| een bed |
| een peuluwe |
| vier kussens en |
| een witte gecattoenneerde deeken |
| een opslag eetenstafel |
| een speeltafeltje |
| twaalff stoelen en twee leuningstoelen met roode trijpe
kussens |
| zes stoelen met zwarte paardehaire zittings |
| een lessenaar waarin |
| eenige oude boeken |
| een gemakstoel |
| een wieg |
| een glase klok [defect] |
| vier vogel kooijtjes |
| zeeven blikke trommels in zoort |
| twee groote verlakte schenkbladen |
| twee kleijne verlakte schenkbladen |
| twee verlakte snuijter bakjes |
| zeeventhien schilderijtjes in zoort |
| een liqueurkistje met zes flesjes en twee glasjes |
| een koopere thee keetel |
| een koopere comfoir |
| een verlakte coffijkan |
| een blikke theestoof |
| drie kleijne kistjes in zoort |
| vier pletie kandelaaren |
| elf kleijne braaijmandjes in zoort |
| twee kleijne braaijmandjes met deksels |
| een kist waarin |
| eenig porcelain en glaswerk gedeeltelijk defect |
| een kist, waarin - NB |
| vier en dertig vrouwen hoeden |
| een oude leed: koffertje |
Leijf eijgenen
| een slavejonge genaamt Caesar van
Bengalen |
| een slavinne genaamt Theresia van
Macassar |
| een slavinne genaamt Malatie van
Macassar |
Contanten
| | Rd:s |
| aan zilvere spetien | 165:8 |
| aan papieren munt | 78:36 |
Inneschulden
| | | Rd:s |
| voldaan | van s:r Jacobus Johannes van den Berg -
wegens het zaldo eener reekening courant geslooten den 15 deeser maand | 414:27 |
| | van juff:w de weed:w Pieter Zeeman d’ oude op een
onderhandsche obligatie d:d: 2 Maij 1791 - aan capitaal zonder beding van
intresten | 586:-- |
Lasten des boedels
| | Rd:s |
| aan s:r Jacobs Joh:s van den Berg over verschotten voor de
begravenis, mitsgaders doktors loon, kerkengeregtigheid, etc:a blijkens
specificque reekening | [ ..... ] |
| aan juff:w Catharina Verbeek weed:w Pieter Zeeman d’ oude, van
neegen en een halve maand kost en logiespenn: voor d’ overleedene benevens
haare twee kinderen en drie lijf eigenen almeede volgens reek: à 15 rd: p:r
maand waarvoor zij betuijgd met den overgeblevenen weeduwenaar opgemelde
manhafte Johannes van der Plas veraccordeert te zijn | 142:24 |
| declareerende deese praetensie te zullen laaten strekken in
minderinge van haar debet aan den boedel hier vooren gemeld |