MOOC8/18.28
{17790118} 18 Jannuarij 1779
Phillippus Jacobus
Coetzer
Hacker
Inventaris van alle zodanige goederen, contanten en inne schulden, als
metter dood zyn ontruymd ende nagelaten door den burger Phillippus Jacobus
Coetzer, na alvorens by testamente sub dato 2 Aug:s 1775 voor den secretaris
van
Stellenbosch en
Drakenstein , Abraham Faure ten overstaan van
getuygen opgeregt, tot erfgenamen in zyne natelatene goederen, te hebben
genomineerd ende geinstitueerd; eerstelyk: de kinderen zijner volle broeders en
zusters, te weeten
Terwyl bij ampliatie van den voorschreven testamente uyt kragte der daarby
geinsereerde clausule reservatoir op den 23 Decbr: 1776 ter presentie van
getuygen gemaakt tot executeurs van dien, mitsg:s voogden over desselfs
minderjarige erfgenamen zyn versogt ende aangesteld Heeren Weesmeesteren dezer
steede uyt welkers midden tot het opneemen der voorsz: boedel goederen, d’
ondergeteek:ds gecommitteerd geworden zynde, is bevonden dezelve te bestaan in
als volgt, namentlyk
Synde voorts nog in den boedel gevonden de volgende drie schuld brieven,
die ter zake der onzeekerheyd van betalinge alhier afzonderlyk werden
opgebragt, als
Boven het welke ook in den boedel is gevonden een onderhandse acte van
borgtogt gedateerd 30:e July 1774 waarby de burgers Daniel le Roux Pietersz.,
Johannes Thomas Rodewald, Jacob de Villiers, Janpietersz: en Daniel Malan zig
hebben geinterponeerd als borgen voor zodanige somma van rx:s200 als wylen den
mede burger Zacharias Arent Ehlhoff by den overledene heeft genegotieerd gehad;
zynde den boedel van evengem: Ehlhoff, in de betaling van voorsz: schuld
rx:s70:36 te kort geschoten; waarvan twee der bovengem: borgen, zonder dat men
opgeteekend vind, welke derselve hun aandeel bereyds hebben voldaan; zulx de
twee andere borgen nog zullen moeten betalen rx:s35:18; het geen door des
overl: zwager d’ edele Johan Adolph Kuuhl invoegen voorschreven is
aangegeven, ten eynde daaromtrend het nodige ondersoek zoude kunnen werden
gedaan.
Aldus geinventariseerd aan Cabo de Goede Hoop den 18 Jann:ij 1779.
Als gecommitteerde Weesmeesteren: J:A: Kuuhl, Joh:s Smuts
Mij present: T:C: Rönnenkamp, Secret:s
| 1) die van den heemraad aan Drakensteyn , mons:r Wentzel Christoffel
Coetzer |
| 2) die van wylen den burger Jeremias Coetzer |
| 3) die van juffr: Susanna Margaretha Coetzer, gehuuwd met den
boekhouder en ordinaire gecommitteerde s:r Johan Adolph Kuuhl |
| 4) die van juffr: Maria Elizabeth Coetzer, getrouwd met den
zoldy boekhouder d’ edele Salomon van Echten en |
| 5) die van juffr: Johanna Jacoba Coetzer, gehuuwd met den onder
afgeschreven gagie uyt ’s E: Comp:s dienst gedimitteerden adsistend mons:r
Fredrick Wilhelm Alleman |
| voorts nog |
| 6) de kinderen van des over t halve broeder Johannes Coetzer en
halve zuster Dorothea Coetzer, getrouwd geweest zynde met den burger Jacob van
Deventer | met hun allen in een, ofte het zesde deel, elk voor een
gelyk gedeelte |
In een camer ten woonhuijze van juffr: Anna Elizabeth de Waal,
weed:we wylen mons:r Johannes Blanckenberg, by dewelke den overledene heeft in
gewoond, als
| een stinkhouten lessenaar met zyn voet en daarin |
| 1 zilver zack horologie |
| 2 paren zilveren schoen gespen |
| 1 [paren] zilveren knie gespen |
| 1 zilver beugeltje met zyn beursje |
| 1 zilver bekertje |
| 3 goude handknopen in soort |
| 1 foudraal waarin 1 snelder en 2 lancetten met dies
laat-band |
| 2 slangen steentjes |
| 1 mes en vork met dies scheede |
| 1 chatolletje gemonteerd met coper |
| 1 draagstoel met desselfs stocken en banden |
| 1 ledige kist |
| 1 ledige halfaam |
| 1 ledige ankervaatje |
Beddegoed
| 1 bultzack |
| 1 peuluwe |
| 2 kussens |
| 1 combaars |
Leijf-eijgenen
| 1 slaven jonge gen:t Joseph van de Caab |
| 1 slaven jonge gen:t Jak van Bengalen |
Contanten
| | Rd:s |
| een somma van een hondert drie ryxd:s en twee stuyv:s,
zegge | 103:2 |
Inneschulden
| | | Rd:s |
| voldaan | een onderhands obligatie, de dato 10 May 1773
ten lasten van Adriaan Louw Jansz: gr: in capitaal ƒ1500
ofte | 500:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie door Abraham le Roux
gepasseerd den 5 Apr: 1775 ten capitale van ƒ450
ofte | 150:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie ten lasten van Bregie
Booyens weed:we Pieter du Plessis groot | 25:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie verleden by Charl du
Plessis Jansz: den 9 Octob:r 1773 aan capitaal groot ƒ600
ofte | 200:-- |
| voldaan | een secretariale obligatie de dato 21 Juny
1776 ten lasten van mons:r David Benj: d’ Aillij groot in cap:l ƒ2000
ofte | 666:32 |
| een onderhands obligatie gepass:d
door mons:r Fredrik Wilhelm Alleman den 1 Maart 1776 aan capitaal
groot | 100:-- |
| een onderhands obligatie ten lasten van denzelven Fredrik Wilhelm
Alleman en verleden den 27 Sept: 1777 heen komen de over coop van een ossen
wagen, groot p:r rest | 100:-- |
| een secretariale obligatie sub 24 Juny 1778, door meerm: Fredrik
Wilhelm Alleman gepasseerd ten capitale van ƒ1000
ofte | 333:16 |
| voldaan | een onderhands obligatie verleden door
Gerhardus Munnik den 23 Juny 1769 groot in capitaal | 200:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie ten lasten van mons:r
Jan Blignault, zynde van dato 1:e Maart 1766 en groot ƒ2000
ofte | 666:32 |
| vold:n | een onderhands obligatie door denzelven Jan
Blignault gepasseerd den 22 9:bre 1775 ten capitale van ƒ1000
ofte | 333:16 |
| voldaan | een onderhands obligatie de dato 26 April 1775
verleeden b mons:r Johan Adolph Kuuhl de jonge, groot in
capitaal | 200:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie ten lasten van
gezegden Johan Adolph Kuuhl en gepass:d den 18 Juny 1776, in capitaal
gr: | 200:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie al mede door voorsz:
Johan Adolph Kuuhl verleden den 19 Maart 1778, ten capitale
van | 200:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie de dato 6 April 1768
ten lasten van Johannes David Kriel, groot in
capitaal | 100:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie gepass:d door
Johannes du Toit, zynde van dato 4 Aug:s 1762 en in capitaal groot ƒ1000
ofte | 333:16 |
| voldaan | een secretariale obligatie de dato 16 Sept:br
1776 verleeden by s:r Jacobus van Reenen ten capitale van ƒ9000
ofte | 3000:-- |
| voldaan | een secretariale obligatie ten lasten van
Johannes Harmanus Carstens, gepasseerd den 30 9:bre 1776 in capitaal groot
ƒ1000 ofte | 333:16 |
| voldaan | een onderhands obligatie verleden den 6
Septbr: 1776 door Marthinus Theunisse ten capitale
van | 200:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie ten lasten van
Stephanus Petrus Jordaan, zynde van dato 12 Jann: 1773 en in capitaal
groot | 100:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie de dato 31 Maart 1774
gepasseerd bij Stephanus Jansz Weyers, groot in capitaal ƒ1500
ofte | 500:-- |
| voldaan | een scheepenen kennisse ten lasten van
denselven Stephanus Jansz Weyers verleden den 23 9:bre 1775 ten capitale van
ƒ2000 ofte | 666:32 |
| voldaan | een secretariale obligatie door meerm:
Stephanus Jansz Weyers verleden den 24 Sept: 1776 groot in capitaal ƒ1000
ofte | 333:16 |
| voldaan | een onderhands obligatie gepasseert door
Pieter du Toit Fransz:, zynde van dato 17 Jann: 1773 en aan capitaal groot
ƒ1000 ofte | 333:16 |
| voldaan | een onderhands obligatie ten lasten van Pieter
de Wet verleeden den 26 Maart 1775 ten capitale van | 200:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie de dato 28 9:bre 1775
ten lasten van Petrus Jourdaan, groot in cap:l | 100:-- |
| voldaan | een secretariale obligatie verleden door
Pieter Schalk Hugo den 2 April 1777 ten capitale van ƒ1000
ofte | 333:16 |
| voldaan | een onderhands obligatie ten lasten van Willem
Lubbe, zynde van den 1 May 1767 en groot in cap:l | 100:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie de dato 12 Juny 1778
ten lasten van Johannes Hendriksz. groot in capitaal | 100:-- |
| voldaan | een onderhands obligatie door juffr: Anna
Elizabeth de Waal, weed:we wylen mons:r Johannes Blanckenberg gepasseerd den 6
July 1778 ten capitale van | 100:-- |
| Bedragende te zamen | | Rd:s10708:16 |
| | | Rd:s |
| voldaan | een onderhands briefje op ’t
welke door den overledene voor reecg: van desselfs halve broeder Johannes
Jacobus Coetzer in dato 6 April 1765 - aan mons:r Jurgen Spengeler voor een
slaven jonge gen:t February
van Macassar door denselven van hem gecogt, is
betaald | 200 |
| voldaan | een onderhands obligatie ten lasten van
Johan Christiaan Wellman gepasseerd den 4 July 1775 over
geleende | 20 |
| | een onderhands obligatie verleden den 9 Decbr: 1765 door
Carl Mansel, wegens ter leen opgeschotene | 30 |
Lasten des boedels, wegens legaten, door den overledene by
desselfs testamentaire dispositie gemaakt ende besprooken, als
| | | Rd:s |
| voldaan | aan de Diaconie armen der kerk van Drakenstein ƒ25 ofte | 8:16 |
| voldaan | aan d’ edele Salomon van Echten en zyne
huysvrouw juffr: Maria Elizabeth Coetzer | 200:-- |
| Te zamen | | Rd:s208:16 |
Gedragene kleederen en gebruykt linnen goed van den
overledene
| 8 hembden |
| 1 wit baatje |
| 2 wollen [baatje] |
| 5 lange dassen |
| 5 bonte neusdoeken en |
| 4 bonte cabaaijen |
| 2 paren kousen |
| 3 gebraayde mutsen |
| 1 swarte broek |
| 1 blaauw camisool |
| 1 lakense jas |
| 1 hoed |
| 4 kussen slopen |
| 2 bedde lakens |
| 2 serviëtten |
| 2 handdoeken |