MOOC8/17.23
{17770818} 18 Augustus 1777
Elizabeth Mostert
Hacker
Inventaris des boedels en goederen door juffrouw Elizabeth Mostert laast
weduwe van wijlen den oud burgerraadt s:r Hendrik Oostwald Muller op den 14:e
dezer lopende maand Augustus metter dood ontruimd, en blijkens haar in dato 26
Julij deezes jaars voor den eerste geswore clercq ter Politicque Secretarije
alhier aan Cabo de Goede Hoop, d' edele Tobias Christiaan Rönnenkamp en
getuijgen opgeregt testament, nagelaten ten voordeele van haare daar bij
geinstitueerde erfgenamen zijnde derzelver vier kinderen, met namen
Bestaande de voorsz: nalatenschap in het volgende, te weten
Losse goederen, in 't voorsz: woonhuis en aldaar
Zijnde aan mons: Fredrik Wilhelm Storch tot den uitgaaf in 't huishouden
ter hand gesteld, ten einde daarvan vervolgens behoorlijke reekening te
doen
Op voorsz: plaats de
Roode Bloem en
aldaar in 't woonhuis
Diende wijders voor memorie dat onder de overledene berustende geweest en
in haren boedel gevonden zijn, de volgende aan voorn: Hendrik Oostwald en
George Gabriel Muller toebehorende goederen, te weten
Aldus geinventariseerd aan Cabo de Goede Hoop ten huise mitsgaders ter
plaatse voormeld, den 18:e en 19:e Augustus 1777.
Als gecomm: Weesmeest:ren: G:s F:k Cruijwagen, G:t H:k Meijer
Mij praesent: O:G: de Wet, Secret:s
| 1) Pieter Jurriaan |
| 2) Elizabeth, huisvrouw van den adsistent Constant van Nuld
Onkruijdt |
| 3) Aaltje, getrouwt met den burger Johannes Jacobus Tesselaar
en |
| 4) Sophia Hendrina van der Heijde, gehuwt met den meede burger
Fredrik Wilhelm Storch |
| 5) de twee kinderen van hare vooroverledene dogter juffrouw
Maria van der Heijde, met namen Hendrik en Marthinus Westerhoff | door dezelve in huwelijk verwekt bij den soldij boekhouder en
curator ad lites dezer plaatse, de heer Dirk Westerhoff, met hun beiden voor
één staak |
Vaste goederen
| Een huis en erf staande ende geleegen in deeze Tafel Valleij in de Oliphants Straat in 't Blok L: en aldaar N:s 8,
13 en 14 ingevolge daar van gedane laaste transport in dato 6 Julij
1742, zijnde der overledene woonhuis |
| een plaats ofte hofstede genaamt de Roode Bloem , gelegen onder 't Caabse district,
blijkens daar van gedane transport, onder dato 27 Julij 1750 |
In 't voorhuis
| een hanglantaarn |
| vijf landcaarten met lijsten omvat |
| vijf stoelen en |
| vijf trijpe stoelkussens |
| een huistrap |
| een handstoffer |
In de voorcamer ter regterhand
| twee ophaal gordijnen |
| een spiegel met een notebome lijst |
| ses portraiten met vergulde lijsten |
| twaalf stoelen |
| twaalf rode trijpe stoelkussens |
| een cadel |
| een Ambonees houte ovale tafeltje |
| twee vierkante tafels in zoort |
| vier guerridons |
| ses copere quispedoors |
| een stinkhoute cabinet, daar op |
| een stel porcelijne castpotten, en |
| daar in |
| ses en veertig tafel en bedde lakens in zoort |
| een honderd agt en twintig servietten |
| een honderd en vier kussenslopen |
| sesthien handoeken |
| een bureau met zilver beslag, daar op |
| vijf porcelijne commen in zoort |
In de voorcamer ter linkerhand
| twee ophaal gordijnen |
| een spiegel en |
| twee ilusters |
| ses schilderijen |
| een Ambonshoute cabinet met zilver beslag, daar op |
| een stel porc: castpotten zijnde bij 't testament aan Sophia
Hendrina van der Heijde geprelegateert |
| bevindende zig in 't evengem: cabinet de klederen en het geene
verder tot leijfsgebruijk van de juff:w overledene heeft gediend, al het welke
volgens gem: hare dispositie in drie portien verdeeld, en aan voorn: hare drie
dogters Elizabeth, Aaltje en Sophia Hendrina van der Heijde is ter hand
gesteld |
| een cabinet met wit coper beslag, daar op |
| seeven porcelijne commen in zoort |
| een ijsere geld kist met zijn kleed |
| een lessenaar met zijn voet |
| een driecante tafel |
| twaalf stoelen |
| twaalf geele trijpe stoelkussens |
| een ledicant met zijn rood linne behangsel waar op |
| twee buldzakken |
| twee peluwen |
| seeven kussens |
| een combaars |
In de gaanderij
| een ophaal gordijn |
| een schuijfgordijn |
| een spiegel |
| thien schilderijen in zoort |
| een verlakt bakje |
| ses Japans porc: schotels |
| vier porcelijne commen met hare deksels |
| een staande horologie |
| een opslagtafel |
| een vierkante tafel |
| twaalf stoelen en |
| twaalf roode trijpe stoelkussens |
| een coper waschfonteijntje met zijn bak en coper zeepbakje |
| een draagstoel met zijn stokken en banden |
| een coper confoor met zijn coper keetel |
| een glase cast, daar op |
| drie porcelijne potten en |
| agt porcelijne commen in zoort |
| een klijne kistje met coper beslag |
| een thee kistje met coper beslag |
In de glase muurcasjes
| drie Japans porc: schotels en voorts |
| een partij porcelijne en glaswerk in zoort |
In de opcamer
| een pavillioen met zijn bl: linne behangsel |
| een Bijbel in folio met coper beslag |
| een Bijbel in quarto |
| een spiegel met een vergulde lijst |
| vijf schilderijen |
| een coper nagtblaker |
| vier stoelen |
| een tafelcastje |
In de kelder
| een ledige eetens casje |
| een coper lantaarn |
| een coffijmolen |
| een porcelijne handlampet |
| een partij porcelijn in zoort |
| een porcelijne soupterinde |
| een porcelijne boterpotje |
| een partij ledige bottels |
In de combuijs
| twee rakken, daar op |
| twaalf tinne schotels in zoort |
| agt porcelijne schotels in zoort |
| ses porcelijne borden |
| vier copere taartepannen met hare deksels |
| een copere beeker |
| twee copere deurslagen |
| een copere tregter |
| vier copere casserollen |
| drie copere tafelcransen |
| een copere poffertjespan |
| vier copere blakers |
| een copere staartpannetje |
| een coper coffijkan |
| vijf coper candelaars |
| twee coper strijkijsers |
| een coper vullisschopje |
| een coper waterbeker |
| twee coper vuurtestjes |
| een coper waterkeetel |
| een coper schuijmspan |
| vijf ijsere potten |
| een ijsere asschop |
| een ijsere vuurtang |
| een ijsere blaaspijp |
| een ijsere rooster |
| een ijsere drievoet |
| twee ijsere wafelijsers |
| een ijsere koekepan |
| een ijsere vleeschvork |
| een ijsere schopje |
| een ijsere leepel |
| een combuijs tafel |
| een waterhalveaam |
| twee emmers met copere hoepels |
| twee emmers met ijsere hoepels |
| een martevaan |
Op de solder
| twee ledige kisten |
| een oude snaphaan |
| een klijne ronde tafel |
| een coper waschfonteijntje met zijn bak |
| een coper lamp |
| een coper handlampet met zijn bekken |
| een pijperak |
| twee ijsere koekepannen |
| derthien porcelijne schotels in zoort |
| een honderd porcelijne borden in zoort |
| een porcelijne scheerbekken |
| agthien porcelijne rijstborden |
| drie porcelijne souscommetjes |
| een aarde pot |
| een blicke bus |
| een tinne waterfles |
| een glasraam |
| een gemakstelletje |
| een ijsere balans met zijn houte schalen |
| twee honderd en agt een veertig pond ijser en lootgewigt |
| een tabaksmes |
| een coffijbraadtrommel |
| een partij rommeling |
Op de agterplaats
| een huisladder |
| een balij |
| een graaf |
Silverwerken
| vijfthien leepels |
| agthien forken |
| een soupleepel wegende 18 loot |
| een soupleepel wegende 14 1/2 loot |
| een theebak wegende 110 loot |
| een schenkbord wegende 76 loot |
| een schenkbord wegende 64 loot |
| een schenkbord wegende 35 loot |
| een keetel met zijn confoor wegende 118 loot |
| een coffijkan wegende 97 loot |
| een coelbak met twee confituur leepeltjes en twee confituur
forkjes wegende 12 1/2 loot |
| een trekpot wegende 28 loot |
| een theeflesch wegende 20 loot |
| een zuijkerdoos wegende 13 1/2 loot |
| een zuijkerdoos wegende 13 3/4 loot |
| vier zoutvaten wegende 34 loot |
| een zuijkertrommel wegende 12 1/2 loot |
| twee handquispedoortjes wegende 23 1/4 loot |
| een mostertpot met zijn leepel wegende 10 loot |
| een tabaksconfoortje wegende 16 1/4 loot |
| twaalf messen met zilver overtrockene hegten |
Leijfeijgenen
| een slave jongen gen:t Sambawa van
Sambawa |
| een slavinne gen:t Silvia van de Caab met
hare twee kinderen Romana en Rosa meede van de
Caab |
| een slavinne gen:t Malatie van
Mandaar |
| een slavinne gen:t Mina van Macassar met haar
kind Essa van de Caab |
| een slave jongetje gen:t David van
Mosambicque |
| een slave jongen Ontong van Batavia |
| Zijnde voorm: slavinne Mina met haar kind Essa, 't
slave jongetje David en den slave jongen Ontong van de juffrouw overledene
geprelegateerd aan hare dogter Sophia Hendrina van der Heijde, mit dat dezelve
voor geciteerde Ontong aan den boedel betale de somma van rd:s180 en bovensdien
onder deeze expresse conditien, dat de voorseide Ontong en Mina nooit sullen
mogen werden verkogt ofte veraliëneerd, en dat, zo wanneer het onverhooptelijk
quam te gebeuren dat zijl: mishandelt wierden, het als dan aan hun vrij zal
staan te mogen gaan wonen bij een van der testatrice andere kinderen, door wier
de voorsz: somma van rd:s180 door der overledene voorn: dogter Sophia Hendrina
van der Heijde voor Ontong te betalen, dan ook aan haar zal moeten werden
gerestitueerd |
Contanten
| | Rd:s |
| aan diverse speciën bevonden eene somma van een honderd en seeven
rijxdaalders zegge | 107:-- |
In 't voorhuis
| een schuijfgordijn |
| ses schilderijen in zoort |
| een rustbank |
| seven stoelen en |
| seven groene stoelkussens |
| een vierkant tafeltje |
In de voorcamer ter regterhand
| drie ophaal gordijnen |
| een spiegel met een notebome leijst |
| ses ovale portraiten met vergulde leijst |
| een vierkant schilderijtje |
| twaalf stoelen en |
| twaalf groene stoelkussens |
| twee vierkante tafels |
| een tafel horologie |
| twee verrekeijkers |
| een cabinet, daar op |
| een stel porcelijne castpotten |
| een ledikant met zijn gestreepte behangsel, daar op |
| een buldzak |
| een combaars |
| een cadel waar op |
| een buldzak |
| een peul |
| vier kussens |
| een combaars |
| twee copere quispedoors |
| twee vuurstoven |
| twee guerridons |
In de voorcamer ter linkerhand
| twee ophaal gordijnen |
| twee spiegels |
| ses ovale portraiten met vergulde lijsten |
| een ovale opslagtafel |
| een vierkante tafel |
| een tinne coffijkan met een copere becker |
| een porcelijne handlampet |
| een porc: com met wat porc: theegoed |
| thien stoelen |
| thien stoelkussens |
| een coper papegaaijekooij met een papegaaij |
| een cast, daar op |
| een stel porcelijne castpotjes |
| een porcelijne com |
| en daar in |
| ses zilvere leepels |
| ses zilvere forken |
| een zilvere soupleepel |
| twaalf messen met houte hegten |
| een blicke worstspuijt |
| een partij glaswerk in zoort |
| twee pavillioenen met roode behangsels, daar op |
| twee buldzakken |
| twee peluwen |
| agt kussens |
| twee combaarsen |
| een nieuwe tentzijl |
In de gaanderij
| een schuijfgordijn |
| een spiegel |
| ses schilderijen in zoort |
| een pijperak |
| een rustbank |
| een vierkante tafel |
| twee rakken, daar op |
| sesthien porc: schotels in zoort |
| twaalf Japans porcelijne borden |
| een botercarn |
| twee melkvaatjes |
| een tinne keetel met zijn copere confoor |
| een tinne trekpot |
| een coper vuurtestje |
In de gaanderij camer ter linkerhand
| twee snaphanen |
| een oude tafel |
| een pijperak |
| een partij rommeling |
In de gaanderij camer ter regterhand
In de agtercamer
| agt en dertig mudden coorn |
| vier mudden meel in zijldoekse zakken |
| een scheepel |
| twee coornschoppen |
In de combuijs
| drie rakken, daar op |
| agt tinne schotels in zoort |
| drie tinne borden |
| drie porcelijne schotels |
| vijf en dertig porcelijne borden |
| drie schilderijen |
| een pottebank |
| een bakkist |
| twee waterhalveamen |
| twee wateremmers |
| een rijstblok met zijn stamper |
| een combuistafel |
| een hackebord met zijn mes |
| een broodmes met zijn plank |
| een coper schenkbord |
| ses coper candelaars |
| een coper vuurtestje |
| een coper waterbeker |
| een coper strijkijser |
| een coper hamkeetel |
| een coper schuijmspan |
| een coper vijsel met zijn stamper |
| ses ijsere potten in zoort |
| vier ijsere schoorsteenkettings |
| een ijsere drievoet |
| een ijsere koekepan |
| een ijsere vuurtang |
| een ijsere asschop |
| een ijsere potleepel |
| een ijsere vleeschfork |
| drie ijsere snuijters |
| een partij aardewerk |
Op de solder
| een partij oud ijserwerk |
| twee houte vengsters |
| een stuk ballastijser |
| een slagtbank |
| vier coornseekels |
| een timmermans pothuis |
| drie zagen in zoort |
| een partij gereedschap in zoort |
| een craanzaag |
| een botervat met erten |
| een schuijfdoos met brijdsel |
| een ijsere pot |
| vijfthien vormen |
| vijf ratels |
| een coornharp |
| een oude snaphaan |
| een kinderwieg |
| ses pikken in zoort |
| ses graven |
| een handbijl |
| drie wijngaard bijlen |
| vijf wijngaard messen |
| een partij balkankers |
| een partij thuijngereedschap |
| een coper gieter |
| een blicke gieter |
| een cadel |
| drie grote aarde potten |
| een vischzeegen |
| ses ballast manden |
| twee ledige kasten en voorts |
| een partij houtwerk ledige bottels en rommeling |
In 't stookhuis
| een brandewijns keetel met zijn craan, slang en koelvat |
| elf dopvaten |
| twee ledige bierpijpen |
| vier ledige balijs in zoort |
| een balij met gezoute bloemkool |
| twee aarde potten |
| een partij dekriet |
| een partij ijsere hoepels |
| een partij houtwerk |
In het wagenhuis
| een koets |
| een rijtuijg |
| een paarde wagen |
| een plank |
| een ploeg met zijn toebehoren |
| twee dekstoelen |
| een paar beschote wagen ladders met een wagen kistje en
tent |
In de wijnkelder
| een wijnpers |
| twee cuijpvaten |
| vijf en een halve leggers met roode wijn |
| seeven leggers met witte wijn |
| een [leggers] met wat azijn |
| een bierpijp met wat azijn |
| een bierpijp met brandewijn |
| een bierpijp met roode droefwijn |
| ses en twintig ledige leggers |
| vijf ledige halve leggers |
| twee ledige bierpijpen |
| twee ledige vaten in zoort |
| ses balijs in zoort |
| agt vlootjes |
| drie emmers |
| een houte tregter |
| een copere tregter |
| een copere verlaatcraan |
| een blicke pompje |
| een coper heever |
| een coper deurslag |
| een huisladder |
| twee craanboren in zoort |
| een houte bok |
| twee houte sleden |
| een trapbalij |
| een partij oude copere cranen |
| een doppe fork |
| sesthien graven |
| een glase carbas |
| een partij houtwerk en rommeling |
In de paarde stal
| ses wagenpaarden |
| ses paarde tuijgen met coper beslag |
| agt paarde tuijgen met ijsere beslag |
| een haxelbank |
| een zeeft |
Beestiaal
| een en twintig trekossen |
| negen en veertig aanteel beesten |
| een honderd en taggentig schapen en bocken in zoort |
Leifeijgenen
| een slave jongen gen: Jacob van de Caab |
| een slave jongen gen: Thelemacq van de
Caab |
| een slave jongen gen: Thelemacq de grote
van de Caab |
| een slave jongen gen: April van de Caab |
| een slave jongen gen: Goliat van
Mosambicq |
| een slave jongen gen: Mentor van
Mosambicq |
| een slave jongen gen: Damon van
Madagascar |
| een slave jongen gen: Claas van
Madagascar |
| een slave jongen gen: Balij van Balij |
| een slave jongen gen: Siemon van Bougies |
| een slave jongen gen: Galant van
Macassar |
| een slave jongen gen: Baatjoe van
Bougies |
| een slave jongen gen: Baatjoe de grote van
Bougies |
| een slave jongen gen: Apollos van
Bougies |
| een slave jongen gen: Maij van Ternaten |
| een slave jongen gen:t Bastiaan van
Batavia |
| een slave jongen gen:t Januarij van
Ternaten |
| een slave jongen gen:t Adam van Mallabaar |
| een slave jongen gen:t Titus van Mallabaar |
| een slave jongen gen:t April van Mallabaar |
| een slave jongen gen:t Slammat van Java |
| een slave jongen gen:t Fortuin van
Mallabaar |
| een slave jongen gen:t Joël van de Caab |
| een slavinne gen:t Lena van de Caab |
Inneschulden
| | | Rd:s | ƒ |
| | een onderhandse obligatie de dato 22 October 1774 ten
lasten van den onder afgeschrevene gagie gestelden adsistent Pieter Jurgen van
der Heijde, zullende volgens de daarop gestelde aantekening den interest tegens
5 p:r c:o 's jaars aanvang nemen met den 22:e October deezes jaars 1777 in
capitaal groot | | 7000:-- |
| | een onderhandse obligatie van dato 3 Novemb: 1774 ten
lasten evengem: Pieter Jurgen van der Heijde tegens 5 p:r c:o interest 's jaars
ten capitale van | | 4000:-- |
| | waar op den interest ten agteren staat sedert 3 Novemb:
1775 |
| | een onderhandse obligatie door denzelven Pieter Jurgen van
der Heijde op den 21 November 1775 gepasseert meede tegens 5 p:r c:o interest
's jaars in capitaal groot | | 10000:-- |
| | den interest daar op sedert gem: dato ten agteren
staande |
| | een reekening wegens door de overledene voor gem: haren
zoon gedane verschotten, gesloten op primo dezer maand Augustus per rest groot
rd:s714:25, ofte | | 2143:9 |
| | een onderhandse obligatie ten lasten den adsistent Constand
van Nuld Onkruijt sub dato primo Junij 1775 tegens den interest van 5 p:r c:o
's jaars, in capitaal groot | | 4000:-- |
| | waar op den interest betaald is tot [ ..... ] |
| | een onderhandse obligatie ten lasten gem: Constand van Nuld
Onkruijt van dato p:o April 1776 groot in
capitaal | | 3000:-- |
| | meede tegens 5 p:r c:o interest 's jaars, zijnde dezelve
interest betaald tot [ ..... ] |
| | een onderhandse obligatie door den burger Johannes Jacobus
Tesselaar op den 15 Junij 1775 gepasseert, tegens 5 p:r c:o interest in 't
jaar, ten capitale van | | 2000:-- |
| | waar op den interest sedert gem: dato ten agteren
staat |
| | een onderhandse obligatie door den burger Pieter Rijnault
Laubscher op den 19:e October 1776 verleeden tegens den interest van 5 1/2 p:r
c:o p:r anno, groot aan capitaal | | 3000:-- |
| | een onderhandse obligatie door Hilletje Mostert wed: van
wijlen den burger Cornelis de Waal in dato 11 Maart 1775 gepasseert, zijnde
groot geweest ƒ4000 tegens 6 p:r c:o interest 's jaars, dog thans p:r rest aan
capitaal | | 2000:-- |
| | zijnde den interest op de afgelegde ƒ2000 nog te quaad
voor 1 jaar en 3 1/2 maanden en op de andere nog lopende ƒ2000 sedert 11 Maart
1776 |
| | een onderhandsche obligatie ten lasten den commissaris van
civile en huwelijks zaken Rogier Bernardus van Blerk gedagtekend 26:e September
1776 tegens 6 p:r c:o renten 's jaars in
capitaal | | 8000:-- |
| uit de reek:g courant door mons:r Onkruid ingediend blijk dat
deeze obligatie ten lasten van Van Blerk voldaan is, en deswegens bij hem p:r
rest is ontfangen en aan den boedel verantwoord rd:s50 | een
onderhandsche obligatie door denzelven Rogier Bernardus van Blerk op den 16
Februarij 1775 gepasseert, groot rd:s300 dog waarop volgens getuijgenis der
gezamentlijke erfgenamen rd:s150 betaald zijnde, blijff dezelve obligatie per
rest nog groot rd:s150, of | | 450:-- |
| | een schepenenkennisse door den burger Jan Nicolaas Springer
in dato 2 Februarij 1768 gepasseerd, onder beding van 6 p:r c:o interest 's
jaars ten capitale van | | 2500:-- |
| | den interest daarop vereffend tot den 2:e Februarij
1777 |
| | een onderhandsche obligatie door den burger Tobias Mostert
op den 13 Maart 1760 verleeden, groot | 100:-- |
| | met bijvoeging van nog geleende | 10:-- |
| | item voor verkogte 4 tuijgen | 10:-- |
| | te zamen | 120:-- | 360:-- |
| | een onderhands briefje door A:H: Wilsnach in dato 28 Maij
1776 gepasseert, groot rd:s50 of | | 150:-- |
| | waar en tegen gem: s:r Wilsnach over het restant van zijn
vrouws vaderlijk bewijs nog is te goed hebbende rd:s55 ofte ƒ165 |
| | over zo veel den burger Fredrik Wilhelm Storch
in huwelijk hebbende Sophia Hendrina van der Heijde gehouden is, voor den aan
dezelve zijne huisvrouw, onder conditie als hier voren gezegd, vermaakten
slaven jongen Ontong van
Batavia , aan den boedel te voldoen
rd:s180 | | 540:-- |
Boekschulden
| | Rd:s | ƒ |
| van voorn: Tobias Mostert over |
| twee leggers wijn | 24 |
| thien hamels | 10 |
| te zamen | 34 |
| zijnde door denzelven daar en tegen gelevert |
| een vragt tarw | 24 |
| twee [vragt] caff | 10 |
| van David van Taak over geleende
penningen | 50 | 150 |
Lasten des boedels
| | ƒ | ƒ |
| aan den burger Fredrik Wilhelm Storch over hetgeen denzelven nog
per rest is te goed hebbende wegens 't door de overledene op den 29:e Septmb:r
1770 ten behoeve van desselfs huisvrouw Sophia Hendrina van der Heijde
gepasseerd vaderlijk bewijs | | 3000:-- |
| aan de drie kinderen van der overledene laaste man voorn: s:r
Hendrik Oostwald Muller, door denzelven in vorig huwelijk bij wijlen juffrouw
Hendrina Helena Eksteen geprocreëerd, wegens de aan dezelve kinderen
competerende vader en moederlijke erffportien, dewelke onder de overledene tot
vrugtgebruijk zijn berustende geweest, te weeten |
| aan Hendrik Oostwald Muller over moederlijk
bewijs | 2500:-- |
| aan vaders bewijs volgens den in datis 29 en 30:e Septmb: 1773
geformeerden staat en inventaris rd:s895:22 of | 2686:6 |
| nog wegens 't zelve vaderlijk bewijs ingevolge de op den 17:e
August:s 1776 bij den gemelden staat en inventaris gemaakte ampliatie rd:s955:1
of | 2865:1 |
| makende te zamen | 8051:7 |
| waarop denzelven in kennisse van zijne grootmoeder juff:w de wed:e
Hendrik Oostwald Eksteen, volgens handschrift genoten
heeft | 300:-- |
| zo dat 't gem: bewijs p:r rest nog groot
blijft | 7751:7 |
| aan George Gabriel Muller in maniere voorsz: in 't
geheel | 8051:7 |
| aan Anna Salome Muller in maniere voorsz: in 't
geheel | 8051:7 | 23854:5 |
Aan Hendrik Oostwald Muller
| een rotting met een goude knop |
| een buite kas van een zak horologie |
Aan George Gabriel Muller
| een paar goude grote kniegespen |
| een goude halsslot |
| een paar ronde goude hemdscnopen |
| een paar silvere schoengespen |
| een goude ring met een steen |
| een silver zijdgeweer met zijn schede, en |
| een hars vanger met silver gemonteerd |