Skip to content
GenDatabase
Sign in

Cape Council of Policy

789

1686-06-26

Back

Minute details

Entry number
789
Date
1686-06-26
Year
1686

English translation

In the presence of all members.

On the remonstrance made by the Honorable Commender in review of the mining work at Wittebomen and the advice of the Mountain Master Gabriel Muller, in the presence of the Mountain Scout Fred. Mathias van Werlinghof, to avoid imposing unnecessary and heavy expenses on the Honorable Company, which are required by working a useless mine, in addition to the heavy wages of its operator. This is especially true since not the slightest indication of ore or any kind of earth, according to the claims of the present miners, has yet been found, but on the contrary, only a certain corrosive earth, called a wolf by the Germans, because it consumes and digests all good minerals, furthermore, because the aforementioned mine was filled with groundwater, and was not worked as dangerously, without finding the slightest indication of any mineral vein.

Therefore, it was decided that the surveyed mountain master, Gabriel Muller, along with the multi-municipality mountain scout, Frederik Mathias van Werlinghof, and their subordinates, in the presence of two commissioners, the fiscal Mr. Johannes van Keulen and the lieutenant of this garrison, should inspect the work on the aforementioned mine. mine, the Wittebomen, to commit by the 28th of this month and to await their report on their experiences.36

Furthermore, the Reverend Commendeur has taken into consideration how the untimely cutting and pressing of the grapes makes Cape wines sour, harsh, and unpleasant to the taste, and that experience has shown that this deficiency is significantly improved by the ripeness of the grapes. It is understood that in the future, the residents here will not be able to press any wine until the grapes have been inspected by commissioners and deemed of suitable maturity or ripeness upon approval by the Reverend Commendeur, under penalty of fifty rixds against the counter-venteurs.37

And finally, the written request of the Reverend Comps. Serfs Jan Figoredo and Pintura of Ceylon having been considered in Rade for release, it has been decided, in consideration of their good services rendered for several years here to the Lord Commander and at the home of the Lord Commendatore, where the former served as steward and the latter as cook, to grant them their freedom and to allow them to reside here by permitted means, but with the condition that they remain available for the use of the Lord Commander during the presence of the General of the Council of India or any public meals.

Thus arrested and confined in the Castle of Good Hope. Year and day as above.

[Signed:] S. v. STEL.

[Signed:] ANDS. DE MAN.

[Signed:] J. CRUSE.

[Signed:] J. v. COLOGNE.

[Signed:] O. BERGH.

[Signed:] L. v. STEL.

[Signed:] CORNELIS PTZ LINNES.

[Signed:] J. H. BLUM.

[Signed:] My praesente J. G. DE GREVENBROECK, Secret.

Original Dutch transcription

In tegenwoordigheid van alle de leden.

Op de gedaane remonstratie35 van den E.Hr. Commendeur ten ansien van ‘t berg-werk an de Wittebomen en genomen advijs van den Berg-Meester Gabriel Muller, in tegenwoordigheid van den Berghopman Fred. Mathias van Werlinghof, om d’ E. Comp. op geen onnodige en sware onkosten te brengen, die ‘t bearbeiden van een onnutte mijne, nevens de sware gagies van desselvs bediende vereijschen, en dies te meer dewijl geen de minste anwijsing van ertz of enigen gang, volgens voorgeven der anwesende berg-werkers, tot nog toe gevonden werd, maar in ‘t tegendeel alleenlijk sekere corrosive aarde, bij de Duijtschers een wolf genaamt, dewijl alle goede mineralen consumeerd en verteerd, daarbenevens om dat bereids de voors. mijne met grondwater gevuld, en niet als met gevaar, sonder de minste inditien van enig minerâl-ader te vinden, bearbeid werd.

Dierhalven is verstaan den opgemten. bergmeester, Gabriel Muller, mitsgs. den meergemten. berghopman, Frederik Mathias van Werlinghof, met haar onderhebbende berg-werkers, ten overstaan van twe gecommitteerdens, den fiscal mr. Johannes van Keulen en den lieutenant deses guarnisoens, tot ‘t opnemen der werken an de voors. mijne, de Wittebomen , tegens den 28 deser maand te committeren en derselver rapport hares wedervarens af te wagten.36

Verders in consideratie by den E.Heer Commendeur genomen zijnde, hoe door ‘t ontijdig snijden en perschen der druijven de Caapsche wijnen suur, wreed en onaangenaam van smaak vallen, en dat bij experientie ondervonden was dat gebrek door de rijpheid van de druijv merklijk verbeterd wierd, So is verstaan dat in ‘t toekomende d’ ingesetenen alhier niet sullen vermogen enigen wijn te perschen voor en alleer de druijv door gecommitteerdens gevisiteerd en van bekwame maturiteit of rijpheid op approbatie van den E. Heer Commendeur geoordeeld werd, onder poene van vijftig Rixds. tegens de contraventeurs.37

En eindelijk ‘t schriftelijk versoek der E.Comps. lijfeigenen Jan Figoredo en Pintura van Ceijlon in Rade overwogen zijnde, om in vrijdom gesteld te mogen werden, So is goedgevonden, ten ansien harer goede diensten zedert etlijke jaren herwards an d’ E.Comp. en ten huijse van den E.Heer Commendeur bewesen, alwaar d’ eerste als hofmeester en d’ andere als kok gedient heeft, haar de vrijheid te vergunnen, en door gepermitteerde middelen hun alhier te mogen erneren, dog met beding dat bij ‘t anwesen van den General of Raden van India, of enige publique maaltijden, dienstbaar sullen blijven om alsdan ten dienste van d’ E.Comp. gebruijkt te werden.38

Aldus gearresteerd en besloten in ‘t Casteel de Goede Hoop. Jaar en dag als boven.

[Signed:] S. v. STEL.

[Signed:] ANDS. DE MAN.

[Signed:] J. CRUSE.

[Signed:] J. v. KEULEN.

[Signed:] O. BERGH.

[Signed:] L. v. STEL.

[Signed:] CORNELIS PTZ LINNES.

[Signed:] J. H. BLUM.

[Signed:] Me praesente J. G. DE GREVENBROECK, Secrt.