Het retourschip118 Europa in compa. van desen jaarse retourvlooth onder de vlagge van den E. Hendrick van Outhoorn van Batavia vertrocken en door hart weeder van ‘t vordere gros van de retourvlooth op de hooghte van 12 gra. en 37 m. Zuyder Breete en gegiste lenghte van 120 gra. en 36 m. affgedwaalt en door stercke contrarie winden en storm de reijs naa herwaartsdoor leckagie119 niet hebbende connen gewinnen, genootsaackt geweest naa Mauritius op te duwen en aldaar te overwinteren, van waar den 29 September deses jaars naar herwaarts zijn vertrocken, tussen terra d’ Nataal en Caap d’ Boa Esperance ontmoet en beloopen hebbende een seer swaaren storm, waar door dien boodem gevaarlijck leek is geworden en alle oogenblicke dreijghde te sincken, sijnde het voorruijm tot aan de coebrugh vol waater bevonden, zulcx tot behoudenis van dien costelijcken boodem genootsaackt sijn geweest ontrent 90 natte packen leijwaaten, 60 kisten benuin,120 nevens partij sapanhoudt in ‘t voorruijm overboort te werpen. Mitsgrs. om de spiegel te behouden, die t’ eenemaal van de heghtbalck was aff geweeken, achter uijt de camers meede in zee te werpen, 3000 lb. buscruijt en alle ‘t rondthoudt121 en langhscharp, 120 stucken tin en alle den rijst op een last naa, wanneer noch met 4 pompen en taalien ‘t schip te naauwer nooth boven waater hebben connen houden en door Godes bestieringe noch behouden tot in de Baey Fals hebben gebracht, van waar het verders op gisteren in de Tafelbaaij is aangecomen, waar op daar verders is gehoort ‘t advijs van den schipper Michiel van der Buijs en d’ vordre scheepsofficieren wat omtrent de reparaagie van dien boodem ‘t nootsaackelijckste diende te werden bijderhandt genoomen, doch eenpaarigh g’oordeelt dat daar omtrent niets finaals sal connen werden g’arresteerd voor e[n] alleer dien boodem voor ‘t meerder gedeelte van sij[n] inlaadingh sal wesen ontlost, waar op dan met eenpaarige stemme is geresolveert dien boodem soo verre van sijn inlaadingh te lichten, dat men sal connen oordeelen dien boodem bequaam te wesen om alhier vertimmert te connen werden, om de verdere reijs daar op naa ‘t vaderlandt aan te neemen (off wel niet). Sijnde tot het ontlossen der goederen aan boort gecommitteert de ondercoopluij[den] Jan Reep en Elias van Valenceijn, mitsgrs. tot den ontvangh alhier aan landt den capt. Jeronimus Cruse en den guarnisoen boeckhouder Jan Hendrick Blum. Zullende oock alle de nat geworden en bedorve packen met leijwaaten alhier worden g’opent om verluch[t], gewassen en gedrooght tewerden122 om verder voor ‘t verboeijen en verrotten te preserveeren.123
Aldus gearresteert in ‘t Casteel d’ Goede Hoop, datum uts.
[Signed:] S. VAN DER STEL.
[Signed:] J. CRUSE.
[Signed:] MICHIEL VAN DER BUIJS.
124
[Signed:] JAN BABTIST.
[Signed:] A. DE MAN.
[Signed:] EAS. VN. VALENCIJN.