Skip to content
GenDatabase
Sign in

Cape Council of Policy

641

1680-02-12

Back

Minute details

Entry number
641
Date
1680-02-12
Year
1680

English translation

The Honourable Commander having presented to the meeting how, up to now, the free slaughter of cattle for the garrison and its inhabitants had been permitted only to citizen Hemming Huysen and his partner, who, due to high mortality among their cattle, were unable to please everyone, therefore the same had not shown himself averse to allowing another besides him to be qualified for this, to whom he had then volunteered, and therefore requested citizen Willem van Dieden to manage the same together, in order to be able to please everyone the better according to his wishes. Thus the privilege of free slaughter was understood to be granted to the aforementioned. Citizens Willem van Dieden and Hemming Huysen are only allowed to sell it to anyone. They are also required to provide good, virtuous meat twice a week, or at least once a week. This is to ensure everyone can be served and to provide greater accommodation. They have been granted a small plot of land near the seahead to build a small house there, at their own expense, for the purpose of slaughtering and selling the meat they need. To ensure that all bad practices are prohibited, the aforementioned two people must swear under oath not to sell any sheep from any of the Comps. Servants for sale or slaughter146 with the express consent and permission of the Honourable Commander. It is also further understood that, at the expense of the Company, a shelter will be built at the aforementioned house to initially serve as a market, so that everyone will bring their vegetables there for sale, so that a general order can be drawn up later when the opportunity arises.

Also, as stated by his Honour, how that particular slave of the citizen Johannes Pretorius in a company of 3 Dutchmen in the month of January. had fled into the interior of Passado, which slave had kept from him since that time by the Girigquase nation.147 Of which he had recently learned, when his E. had made every effort to regain possession of the said slave, to which the aforementioned Hottentots consented, with the condition, however, that no harm would be done to him by us, or that otherwise he would not be delivered into our hands, wherefore his E. companion was obliged to promise them so; considering that the aforementioned slave, through his daily association and long stay with the aforementioned nation, had become reasonably proficient in languages, and, according to his statement, in the region where the aforementioned Hottentots had learned well; Therefore, the European Company, if it were decided to conduct a further experiment in dealing with the Namacqua Hottentoots (who, having withheld their presence there and not much further inland), might be of good service to him. Therefore, after due deliberation, it has been approved and agreed to retain the aforementioned slave for the European Company, as well as to grant the owner another slave of the Company in return, as we deem appropriate for the Company, in light of the aforementioned and other important considerations.

Thus resolved in the Castle of Good Hope, date above.

[Signed:] S. VAN DER STEL.

[Signed:] H. CRUDOP.

[Signed:] SMIENDT.

[Signed:] J. CRUSE.

[Signed:] I present A. DE MAN, Secrts.

Original Dutch transcription

d’ E.Hr.Commandeur ter vergadering voorgedragen hebbende hoedat tot noch toe ‘t vrijslachten van vee voor ‘t guarnisoen en dese ingesetenen aan den borger Hemming Huysen en zijn compagnon alleen was vergunt, den welken altans door groote sterfte onder hun vee onvermoogens zijn om een ijder daer van ten genoegen te gerieven, derhalven denselven hem niet ongenegen hadde getoont dat noch een tweede nevens hem daertoe mocht werden gequalificeert waer toe sich dan hadde aangepresenteert en daerom versocht den borger Willem van Dieden om ‘t selve met malkanderen te beheeren, om een yder na zijn begeeren des te beeter te konnen gerieven, Zoo is verstaan de privilegie van vry slachten aan de voorn. borgers Willem van Dieden en Hemming Huysen alleen toe te staan, om ‘t selve aan een yder te moogen verkoopen, zullende dezelve ook gehouden wesen alle weecke tweemael, off ten alderminsten eens, van goet deugtsaam vleys versien te wesen, omdat een ijder zal konnen gerieft werden en omdat ‘t selve tot meerder accommoditeyt mach strecken, is aan haer vergunt een stuckje erffs omtrent het zeehooft gelegen om aldaer een beknopte huysingh, tot het slachten en ‘t vercoopen van ‘t vleys noodig, op haer eygen costen te timmeren; en op dat men mach verseekert zijn dat alle quade practiquen moogen geweert blyven, zullen gemelte twee persoonen onder eede moeten belooven geen schapen van eenige ‘s Comps. dienaren te koopen ofslachten146 als met expres consent en toestaan van de E.Hr.Commandeur, Zijnde ook wijders verstaan dat ten coste van de Comp. aan ‘t gemelte huysje een affdack zal werden gemaakt om voor eerst te dienen tot een marct, op dat een ijder zijn groente aldaer zal te coop brengen om naderhant bij bequame gelegentheyt een generale ordre daer op gestelt te worden.

Insgelyx door zijn E. opgemelt voorgedragen zijnde hoe dat zeecker slaaff van den borger Johannes Pretorius in comp. van 3 Nederlanders in de maant Januarij ao. passado landewaert in was gevlucht, welcke slaaff hem tseedert die tijt by den Girigcquase natie147 hadde onthouden, waer van dan onlangs kennis bekoomen hebbende, wanneer zijn E. alle moeyten hadde aangewent om de gemelte slaaff weder in handen te krijgen, waer toe de voorn. Hottentoos hebben bewilligt, met dat beding nochtans, dat hem in ‘t minste door ons geen leet zoude werden aangedaen, off dat anders hem in onse handen niet wilde overleveren, weshalven Zijn E. genootsaackt is geweest zulcx aan haer te belooven; daer besyden geconsidereert dat de meergemelte slaaff door zijn dagelyxse ommegangh en lang verblijff bij de gemelte natie redelijk taelkundig is geworden, mitsgaders volgens zijn seggen in de lantstreek daer de gemelte Hottentots haer onthouden wel ervaren; weshalven d’ E.Comp. indertyt, wanneer verstaan mocht worden een nader proeff te nemen om met de Namacquase Hottentoots (die haer mede daer omtrent en niet veel verder landewaerts in zijn onthoudende) te handelen, goede dienst van hem zoude konnen trecken, Zoo is naar genoomen deliberatie goetgevonden en verstaan de gemelte slaaff voor de E.Comp. te behouden, mitsgaders den eygenaer daer voor een andere slaaf van de Comp. in eygendom te vergunnen, alsoo wy zulx om de voorenstaande en andere wichtige consideratien voor de Comp. dienstig oordeelen.

Aldus geresolveert in ‘t Casteel de Goede Hoope, datum ut supra.

[Signed:] S. VAN DER STEL.

[Signed:] H. CRUDOP.

[Signed:] SMIENDT.

[Signed:] J. CRUSE.

[Signed:] Mij present A. DE MAN, Secrts.