Skip to content
GenDatabase
Sign in

Cape Council of Policy

489

1673-07-11

Back

Minute details

Entry number
489
Date
1673-07-11
Year
1673

English translation

We have noticed some time ago that various complaints have arisen here about the Hottentose Captain Gonnema, under his control, and other allied peoples, concerning various gross acts of cruelty, outrages, and violence now and then, both against the Company's servants and against these free residents, not only by stealing cattle and burning down several houses, so that a large number of beasts and a German woman have perished, but also by the massacre of two of our citizens. passado to appease their families to catch manatees and other large game, having entered the country with a license, to burn their wagons, to carry off the oxen for plunder and otherwise, as was now again their intention, eight other Dutch citizens, having with them a slave, two wagons and eight oxen, with a similar intention of obtaining large game for the sustenance of their families, having gone out shooting, were all together killed or at least attempted to do so, such was the evil and murderous intent of the captain. Oedasoa and the Sunquas Hottentots, its allies and subordinates, had not been restrained, but nevertheless they were held captive and confined on a piece of land from which they could not escape, and being sufficiently deprived of provisions, would ultimately have to perish of hunger, without having made the least denunciation of the motives of these inquisitive and hostile proceedings, or sent us any report in which he might be offended, all of which is unreasonable, as it is entirely contrary to the good inclination of the E. Compe., towards the aforementioned nations, and great indignity of so much favor and beneficence they received from time to time. proven, as well as the total ruin of our good inhabitants and their effects, for the service of the said Company and the common good here having long been regarded intolerably. Therefore, after previous mature deliberation and consideration of what could be considered regarding this disastrous work, it has been resolved and decided to redemption our aforementioned eight inhabitants (if still alive) from the hands of the aforementioned tyrant, to undertake an expulsion to the said Gonnemase creeks as soon as possible, and that under the policy of Ensign Jeronimus Cruse, reinforced with a number of 36 fluxe Comps. servants and a similar number of citizens, all equipped with weapons and ammunition of war-grade quality, provided they are properly supplied with food for eight days, with absolute order and authority,145 upon finding that the aforementioned Dutchmen had suffered some violence from the aforementioned Hottento commander, as we have reported to him, Gonnema, and all those who with him have formed an opposition against us, to express such resentment that future generations may fear to offend the Dutchmen ever again.

Thus resolved at Fort d'Goede Hoope on the day and year of the aforementioned.

[Signed:] ISBRAND GOSKE.

[Signed:] ALBERT VAN BREUGEL.

[Signed:] DIRCQ JANSZ. SMIENDT.

[Signed:] H. CRUDOP. In R. and Scrts.

Original Dutch transcription

Gemerckt ons eenigen tijdt herwaerts verscheijde clagten syn voorgecomen over den Hottentosen capiteijn Gonnema, desselfs onder hebbende en andere geligueerde volckeren, ter saecke van diverse grove moetwilligheden, outragies en gewelden nu en dan, soo aan Comps. dienaaren als dese vrije ingesetenen gepleegt, niet alleenigh met het rooven van vee en ettelicke huijsen af te branden, soodanigh dat daar door groot getal bestiael, en een Duijtsche vrouwpersoon is omgecomen, nemaar oock met het massacreren van twee onser borgers, ao. passado tot sustentie haerer familien om zeekoeijen en ander grof wildt, met licentie in ‘t landt vertrocken, haere waegen te verbranden, d’ treckossen ten roof wegh te voeren en anderssints, Gelijck oock nu weder op nieuw van voornemen soude sijn geweest, andere acht van dese Nederlandtsche borgeren, bij haar hebbende een slaaf, twee wagens en acht treckossen, met gelijcke insigte om grof wildt tot onderhoudt van hunne familien t’ erlangen, uijt schieten gegaan, gesamentlick reets om ‘t leven gebragt of ten minsten daar naer getragt heeft, soo sijn boose en moordadige intentie door den capit. Oedasoa en de Sunquas Hottentots, desselfs g’allieerde en subalterne, niet en was wederhouden, maar egter nogthans d’selve als gevangenen gesaijzeert143 en beseth houdt, op een hoeck landts, daar se niet van daan connen ontvlugten, en genoegsaam van levensmiddelen versteecken sijnde, eijndelick van honger souden moeten vergaan, sonder van de motiven deser inique en hostile proceduijren de minste denuntiatie te hebben gedaan, of ons eenigh berigt laaten toekomen, waarin hij mogt beleedigt sijn, alle welcke onredelicke saecke als t’ eenemael strijdig tegens de goede inclinatie van d’ E. Compe., tot de voorschreven natien, en groote indignatie van soo veel faveur en weldaden deselve van tijt tot tijdt bewesen, mitsgaders totale ruine van onse goede ingesetenen en der selver effecten, voor den dienst van d’ gemelte Compe. en ‘t gemeene best alhier langer onverdraegelick aangesien sijnde, Soo is, naar voorgaande rijpe deliberatie en overwegingh van ‘t geene omtrent dit heijloose werck in consideratie soude mogen comen, geresolveert en vastgestelt om onse voors. acht inwoonders, (indien nog in ‘t leven mogten wesen) te redimeren144 uijt d’ handen van de voors. dwinglandt, op ‘t spoedigste een uijtsettingh nae de geseijde Gonnemase cralen t’ ondernemen en dat onder ‘t beleijt van den vaendrigh Jeronimus Cruse, versterckt met een getal van 36 fluxe Comps. dienaaren en gelijcke nomber borgeren, alle van geweer en ammonitie van oorloge versien, mitsgrs. voor den tijdt van acht daegen van vivres behoorelick geprovideert, met absoluijte ordre en authoriteijt,145 bij bevindinge dat de meergemelte Nederlanders van ‘d voorseijde Hottentosen overste eenigh geweldt is aangedaan, gelijck wij voor zeecker sijn berigt, aan hem Gonnema, en alle degeene die met hem haer tegens d’ onse hebben opgestelt, soodanigh resentiment te nemen, dat d’ nacomelingen een schrick mogen houden om d’ Nederlanders oijt meer t’ offenceren.

Aldus geresolveert in ‘t Fort d’ Goede Hoope ten dage en jaare voors.

[Signed:] ISBRAND GOSKE.

[Signed:] ALBERT VAN BREUGEL.

[Signed:] DIRCQ JANSZ. SMIENDT.

[Signed:] H. CRUDOP. In R. en Scrts.