Skip to content
GenDatabase
Sign in

Cape Council of Policy

475

1672-10-27

Back

Minute details

Entry number
475
Date
1672-10-27
Year
1672

English translation

Aangesien Haer Edle. d'Heeren Governors of the Dutch East Indian Company. and plenipotentiary from the meeting of the Seventeenth for the conduct of the secret affairs, by letter of the 13th of May last, among other things, ordered the flute Cattenburg, instead of sending it to Batavia via Saxenburgh, to defer it here until further notice, and confirmed this further in the letter of the 30th of May, but with a further speculative explanation, that Her aforementioned Noble thoughts would tend towards using that base, together with the ships Zuijd Polsbroek and the Vrijheijt, with the addition of one or the other small vessel, for the projected purpose of using the island of St. Helena in advance, in order, as soon as the other two ships, namely Hellevoetsluijs and Briel, which would have arrived at the Cape, could also be consulted here, or one of them, to be sent there for the development of the aforementioned drafts.

Then, considering that the aforementioned Gentlemen, in the further course of this matter, have been pleased to declare that Cattenburgh is not a ship of special defense, much less that it could cause great harm to the enemy (as was also effectively decided), and consequently the final positive regarding the employment of Cattenburgh, due to the insufficiency of the aforementioned Her Honor. somewhat backed up, and further advised in the same letters that the ship Hellevoetsluijs and the hooker Canar[ij]vogel 82 would be ready approximately mid-June, to follow:

Thus, after careful consideration, the majority of the Honourable Company has resolved to take Her Honour's advice with greater certainty and to await the arrival of the aforementioned ship Hellevoetsluijs. And all the more so, since it is absolutely necessary not only to train the incoming military, mostly untrained men, to use weapons, but also especially because we desperately need their help to repair and restore the fortress's collapsed ramparts. This would otherwise, if it had been done solely with the previous garrison, have dragged on a great deal of time and prevented the further construction of the new fort from being initiated in the long run:

Then insert, to facilitate the aforementioned assistance. the people present, not to be neglected, have also been resolved and approved, since the repair of the old earth fort, which currently lies like a molehill, cannot and should not be postponed any longer, especially in this conjuncture of the times, since it is necessary to be in good position against the power of an unexpected enemy, so that one can proceed with strength, and all those capable of work are used for it, as well as for the work each person will be given a cap of Batavian arak and a pound of salted fish per day, so arranged that the drills of the new soldiers remain unabated in the meantime. Also, since by far half of so many soldiers are not able to It is necessary to re-cover the earthen ramparts from top to bottom, and that, in addition to being dug up, they should be removed a good half-hour from here, replacing the sods with a good, well-pounded wall of tallow. This is especially true because it will not only be more durable than the sods, but will also make the nearby ground more suitable.

Thus, in the Fortress of Good Hope, the year and day of the aforementioned arrest.

[Signed:] ISBRAND GOSKE.

[Signed:] ALBERT VAN BREUGEL.

[Signed:] CONRAD VON BREITENBACH.

[Signed:] J. COON.


[Signed:] H. CRUDOP. In R. and Scr.

Original Dutch transcription

Aangesien Haer Edle. d’ Heeren Bewinthebberen van de Nederlantse Oost Indische Compe. en gevolmagtigde uijt de vergaederinge van de Seventhienen tot het beleijt van d’ secrete saeken, bij missive van den 13 Maij jongstleden, onder anderen ordonneren de fluijt Cattenburg , in plaats van nevens Saxenburgh nae Batavia te senden, alhier tot naeder ordre aan te houden, en sulx in den brief van 30 Maij naeder confirmeren, doch met vordere speculatijve verklaeringe, dat Haer voorgemelte Edle gedachten wel daarheen souden strecken, om dien bodem benevens de schepen Zuijd Polsbroek en de Vrijheijt , met bijvoegingh van d’ een of d’ ander hoeker of kleijn vaertuijgh, tot het geprojecteerde desseijn op het eijlant St. Helena vooraf te gebruijken, omme, so haast de twee andere schepen, namentlijk Hellevoetsluijs en den Briel , aen d’ Caap souden sijn gecomen, deselve mede of een van dien, nae alhier te raade mochten werden tot uijtwerking van de vordere concepten derwaerts aan te senden:

Dan, daarjegens geconsidereert, dat gedachte Heeren in ‘t vervolgh van dese materie haar hebben gelieven te verklaren Cattenburgh geen schip te sijn van sonderlinge defensie, veel min, dat den viand daermede groot afbreu[k] sal connen geschieden, (gelijk ook in effect sodanich wer[t] g’oirdeelt) en dienvolgende het laaste positijff, nopende ‘t emploij van Cattenburgh , vermits d’ insuffisantie bij gemelte Haer Edle. eenigsints te rugh gestelt, mi[ts]gaeders daarbesijden bij deselve brieven g’adviseert wert, het schip Hellevoetsluijs beneven den hoeker d’ Canar[ij]vogel 82 ongevaer halff Junij in gereetheijt souden wesen, om [te] volgen:

Soo is nae rijpen beraade, ten meesten die[ns]te van d’ E. Compe. geresolveert, om Haer Edle. desseij[n] met meerdersekerheijt bij der hand te nemen en uijt te voeren, d’ comste van ‘t gemelde schip Hellevoetsluijs af te wachten. Ende zulx te meer, vermits nootsaekelik vereijst, niet alleen d’ aangecomen militair[e], meest ongeoeffent volck sijnde, tot het gebruijk der wapenen te bequamen, maer ook mede bijsonderlijk dat wij derselver hulpe tussen wijle ten hoogsten va[n] noden hebben, tot herstellingh en weder in postuir v[an] defensie brengen der rontsomme nedergestort legg[ende] sooden-wallen deser fortresse, ‘t geene anders, so sulx alleen met het vorigh guarnisoensvolk had moeten geschieden, een grooten reex tijt naer sich gesleept, en verhindert soude hebben, van in lange noch aan den verderen opbouw van het nieuwe fort geen begin gemaekt te connen hebben:

Invoegen dan, om de gelegentheijt van de hulpe des voors. aanwesenden volcks, niet te verwaarloosen, ook geresolveert en goet gevonden is, dewijle de reparatie van het oude aarde fort, jegenwoordigh als een molhoop leggende, niet langer kan of magh werden uijtgestelt, bijsonderlik in dese conjuncture des tijts, daar men wel van noden is, tegens de macht van eenen onverwachten viand, in goet postuir te sijn, dat daarmede met kracht voortgevaeren, en alle die tot arbeijden bequaam sijn, daaroe gebruijkt, mitsgaeders voor den arbeijd ijder persoon gegeven sal werden een mutske Bataviase arak, en een pont ingesoute vis ‘s daegs, sodanich nochtans geschikt, dat het exerceren van de nieuwe soldaten onderwijlen echter onvermindert blijft, Gelijk ook, vermits bij lange nae halff sov[eel] soden niet en sijn te becomen als wel vereijssen o[m] d’ aarde wallen van onder tot boven op nieuws te b[e]kleden, en datse behalven dien dan ook noch gesteken wesende, souden moetenwerden83 ruijm een halff uir van hier gehaelt, het fort geheel in plaats van soden, met een goede welgestampte muir van ta[ijp]aarde84 ‘t overtrecken, te meer, dewijl niet alleen bestendiger als de soden, maer ten aensien van de nabij gelegen spetie gereeder werk maken sal.

Aldus g’arresteert in d’ Fortresse de Goede Hoope ten jare en dage voors.

[Signed:] ISBRAND GOSKE.

[Signed:] ALBERT VAN BREUGEL.

[Signed:] CONRAD VON BREITENBACH.

[Signed:] J. COON.

[Signed:] H. CRUDOP. In R. en Scr.