Skip to content
GenDatabase
Sign in

Cape Council of Policy

397

1669-04-24

Back

Minute details

Entry number
397
Date
1669-04-24
Year
1669

English translation

Present: All the council members of this fortress, as well as Mr. Daniel Wiggelhuijsen, merchant and Council of Justice for Batavia, and Abram Zeeuw, merchant; both are stationed here at the wharf, the first with the ship Tarnate,80 and the other with the ship Amerongen, in order to depart for Batavia.

Mr. Jacob Borghorst, Commander here, has presented to the meeting and made known his indisposition, with which His E. had been hindered during his presence here, and that His E., according to the letter from the Lords written to the Commander and this Council on the 17th and 22nd of August 1668, had already looked forward to his deliverance through the arrival of Mr. Jan van Aelmonden, but such having not happened up to now, has again addressed the matter to Her E. Achtb. written in the Patria, in order that His E. may still be relieved and granted a mission, and that a few more months must pass before an answer and positive order to his aforementioned request can be received, and his weakness seems to increase more and more daily, as also in view of these conjunctures, and that France would have resolved to leave Madagascar, and turned an eye to the Cabo de Bonne Esperance, or elsewhere that E. Compe. could be disadvantageous and harmful, just as the letter of December 10, 1668, as well as the appendix is ​​more extensive, dictates, His E. thinks that it would be necessary to have a person of quality and who can handle the affairs of E. Compe. understands, was assisted and attended, in order to help achieve this change and to promote it for the benefit of the E. Compe.; in order to be able to keep the work here going, be it during the life, or, God forbid, in the absence of His E., and to continue it in good order and housekeeping, until such time as the aforementioned Mr. van Aelmonden, if he will still appear here, or if it is intended to do so according to order from the fatherland, and for that purpose His E. nominated the merchant Abram Zeeuw, who then made many and various excuses, believing that he could not be held responsible, since he was destined for Batavia, and not for the Cape, the Bonne Esperance, fearing therefore that this would be taken very badly by the Lords Seventeen, or by His Excellency the Governor General and the Council of India, and that he would then fall into disfavor with them, for which various reasons were again put forward against him, especially by the aforementioned H.M. Commander. who argued that, according to the article, he was obligated to serve the Reverend Company both on water and on land, should it prove necessary, and that any resulting difficulties were to be borne by His Eminence, as it could not be deemed otherwise unless the service of the Reverend Company was required. After deliberation, it was decided and agreed to station the aforementioned merchant Abraham Zeeuw of the ship Amerongen here, and to have him serve as merchant and deputy to the aforementioned Commander Jacob Borghorst until such time as Mr. Jan van Aelmonde arrives on the orders of the Heeren XVII. Thus done and resolved at Fort de Goede Hoope on Cabo de Boa Esperance, date aforesaid.

[Signed:] JACOB BORGHORST.

[Signed:] JOHANNES COON.

[Signed:] ABM. ZEEUW.

Original Dutch transcription

Present: Alle de Raatspersonen deser fortresse, mitsgaders d’ Hr. Daniel Wiggelhuijsen, coopman en Raat van Justitie tot Batavia, en Abram Zeeuw, coopman; leggende beijden alhier ter rheede, de eerste met het schip Tarnate ,80 en d’ ander met ‘t schip Amerongen , omme na Batavia te vertrecken.

D’ Hr. Jacob Borghorst, Commandr. alhier, heeft ter vergaderinge voorgebracht, en te kennen gegeven sijne indispositie, daar mede Sijn E. gedurende sijn aanwesen alhier, is belemmert geweest, en dat Zijn E. volgens de missive van de Heeren 17en den 22en Augusto 1668 aan den Commandeur en desen Raet geschreven, sijne verlossinge, door de komste van de Heer Jan van Aelmonden, al hadde tegemoet gesien, maar sulckx tot dato niet geschiet zijnde, heeft daar over op nieuw aan Haar Ed. Achtb. in ‘t Patria geschreven, ten eijnde Sijn E. als noch mach werden ontlast en dimissie vergunt, en de wijle noch eenige maanden moeten passeren, voor en al eer antwoort en positive ordre op sijn voorsz versoeq can werde becomen, en sijne swackheijt dagelijcks meer en meer staet toe te nemen, als meede ten aensien van dese conjuncture van tijden, en dat de France souden hebben geresolveert Madagascar te verlaten, en een oog geslagen op de Cabo de Bonne Esperance, off elders dat E. Compe. nadelich en schadelijck soude cunnen wesen, soo en gelijck de missive van de 10en December 1668, mitsgaders de bijlage breder is dicterende, dunckt Zijn E. dat het wel nodig soude sijn, dat met een persoon van qualiteijt en die de saacken van de E. Compe. verstaat, wierde geassisteert en bijgewoont, ten eijnde deselve dese ommeslag mede mochten helpen waernemen, en ten dienste van de E. Compe. bevorderen; omme het wercq alhier, ‘t sij bij leve, off, dat Godt verhoede, afflijvicheijt van Zijn E., gaande te cunnen houden, en in goede Ordre en huijshoudinge te continueeren, tot die tijt en wijlen dat de voorn. Hr. van Aelmonden als noch alhier sall comen te verschijnen, off naer der ordre uijt het vaderland zall werden beoogt, en heeft Sijn E. tot dien eijnde genomineert den coopman Abram Zeeuw, die daarop veele en diversche excusen heeft gedaan, als menende bij hem niet verantwoordelijcq soude cunnen wesen, ten aansien hij naar Batavia, en niet naa[r] de Caap, de Bonne Esperance, is gedestineert, vresende der halve, dat sulcx bij de Heeren Seventiene, off d’ Hr. Gouverneur Generael en Raden van Indien seer qualijck mochten werden genomen, en dat hij bij de selve als dan in ongunst mochte vervallen, daer op hem weder verscheijde redenen zijn tegemoet gevoert, in sonderheijt van de E. Hr. Commandeur voornt. die ageerden dat hij volgens den artijkelbrieff verplicht was d’ E. Compe te dienen te water ende te lande, sulcx en daar het van noode soude mogen wesen, en dat de swarigheden die daar uijt mochte comen te resulteren, tot Sijn E. laste is nemende, alsoo niet anders conde werde geoordeelt, als dat sulcx den dienst van de E. Compe. was vereijsschende, Waarop gedelibereert sijnde, is goet gevonden en verstaan den voornoemde coopman Abraham Zeeuw van het schip Amerongen alhier te plaatsen, en dienst te laten doen als coopman en secunde persoon van de Hr. Commandeur Jacob Borghorst voornt. tot tijde en wijle dat d’ Hr. Jan van Aelmonde zall zijn g’arriveert off ordre van de Heeren Seventiene sal becomen werde.

Aldus gedaan en geresolveert in ‘t Fort de Goede Hoope aen Cabo de Boa Esperance datum voorsz.

[Signed:] JACOB BORGHORST.

[Signed:] JOHANNES COON.

[Signed:] ABM. ZEEUW.