Skip to content
GenDatabase
Sign in

Cape Council of Policy

363

1667-10-01

Back

Minute details

Entry number
363
Date
1667-10-01
Year
1667

English translation

In view of the fact that Hendr. Lacus, former sub-merchant, was suspended last September 5th for various and sufficiently important reasons, in order to render account of his former trusted management, more comprehensively than by resolution, and that now, upon review of the completed and closed trading accounts of the past year, it appears that not only were many provisions, like other merchants' contracts, entirely improperly and without any pretense taken in large quantities, but also that, despite all the same being demonstrably true and with documents, the justification for that could be evidently demonstrated on most of the goods, but principal provisions, and that which was paid for in cash. Comp. warehouses were sold, however a significant portion is lacking, more broadly than is evident from certain pertinent memoranda, drawn from the aforementioned books. It was therefore proposed to the Reverend Commander, the Council at this meeting, whether it was not entirely necessary, to hand him the copies of the aforementioned memoranda, with orders to, within a certain period of time, on each point in particular, make pertinent indications and his assertion, on which, after previous proper consultation, it has been established and hereby unanimously resolved, to hand over the said memoranda to him, and in addition to order, within a period of 14 days, to make the appropriate, point-by-point, pertinent indication, so that it can be seen where, and in such a way, such a large quantity of all kinds of goods, navigated and employed, will not be able, considering his slowness and negligence in all his actions, to leave this fortress before it has been properly completed.

Thus resolved, at the Fort of Good Hope, date as above.

[Signed:] CORN. VAN QUAELBERGH.

[Signed:] CORN. DE CRETSER.

Original Dutch transcription

Aangesien den persoon van Hendr. Lacus, gewesen ondercoopman, om verscheijden en genogsaam54 wichtige oirsaken, verleden 5en September is gesuspendeert, om na te doene verantwoordinge van zijn vertrouwt gewesene bewint, van hier te vertrekken, breder als bij resolutie daar van getrokken, Ende dat nu bij de resumtie van de afgelegde, en gesloten negotiebouken, van den verleden jare, komt te blijken, dat niet alleen vele provisien, als andere coopmanschappen, gansch onbehoorlijk en sonder enige schijn in een groote quantite zijn afgesz maar dat ook, niet jegenstaande alle ‘t selve bewijslijk waar, en met documenten, de gerechtigheijt van dien baarblijklijk konde betoont werden, op meest alle waren, doch principael provisien, en ‘t geen voor contant wt. Comps. magasijnen wert vercogt, evenwel een important gedeelte tekort komt, breder als bij sekere pertinente memorien, wt d’ aangeroerde bouken getrokken, komt te blijken, Soo is bij d’ E. Heer Commandeur den Raad te deser vergaderinge voorgestelt, off ‘t niet gansch nodig was, d’ afschriften van voorsz memorien, hem Lacus ter hant te stellen, met ordre, om daer op binnen sekeren tijt, op yder poinct in ‘t bijzonder, pertinente aanwijsinge, en zijn beweringe te doen, waar op na voorgaande behoorlijk overleg, is vast gestelt, en bij desen eenpaarlijk geresolveert, de genoemde memorien, hem also te overhandigen, en daar nevens te gelasten, binnen den tijt van 14 dagen, de behoorlijke aanwijsinge van poinct tot poinct, pertinentelijck te doen op dat also kan gesien werden, waar, en op hoedanigen wijse, so groten quantiteijt, van allerhande goederen, bevaren, en geemploijeert zijn, sullende, ten aansien so traag en nalatig in al zijn doen is, niet vermogens wesen sig eerder buijten dese fortresse te begeven, voor dat ‘t selve behoorlijk sal hebben volbragt.

Aldus geresolveert, in ‘t Fort de Goede Hoop datum als voren.

[Signed:] CORN. VAN QUAELBERGH.

[Signed:] CORN. DE CRETSER.