Skip to content
GenDatabase
Sign in

Cape Council of Policy

312

1663-04-30

Back

Minute details

Entry number
312
Date
1663-04-30
Year
1663

English translation

Omme according to the order of our E.E. The Lords, Principals in the fatherland, received the same letters dated August 23 and December 6, 1661, regarding the Madagascar voyage (which had to be halted last year because the departed war fleet to Mosambique had to remain on hold) to continue this year. Instead of the Velthoen (which was initially destined for that voyage at the aforementioned Ede, but later became part of the return fleet to St. Helena Nova this year), we have the small flute vessel Waterhoen, attached to it and made to sail, as it arrived here on the 8th of March last from the aforementioned Portuguese fortress, but without accomplishing its purpose (because our aforementioned fleet did not find it there).

And after we from the aforementioned letters as the instruction that the aforementioned E.E. The Lords Masters themselves, having been able to appraise the prospect of going there, and having sent it to us, seem to have had no intention of proceeding any further than to take up trading there, namely at St. Augustine's, Antongil's, or any other suitable location, and especially to ensure that, in addition to a good portion of fare, slaves, laundry, and other necessities, one would not be able to secure any desirable merchants annually, so that in the future all such necessary needs (which up to now have been sent to us annually by express ship only from Batavia) might be excused, for which purpose I would greatly appreciate it if your Honor would see that our efforts could be made to bring about something among the Dians or local governors in the aforementioned Bay of St. Augustine, that we might set up lodgings there and take up permanent residence there, so that from time to time we might learn what could actually be accomplished there that would be of most benefit and service to the General Company, since then we must be present until the aforementioned expedition begins to allow the right and suitable weather to set in. It has been unanimously resolved and established in this meeting that the aforementioned. We will send a small ship out of the area on the 12th or at the latest in the middle of May, with a proper cargo, to that end. Meanwhile, we will ensure that as much suitable timber is prepared outside in the forest, and as many planks are sawn as may be necessary for building a small, well-kept lodging or dwelling there.

As executor and manager of the aforementioned work, as well as to remain on land for the chief there, the Ede, in the aforesaid instruction, have been pleased to nominate the person of Sr. Roeloff de Man, sub-coopman and second person of this residence, However, because the same subtly passed away in the Lord on the 5th of last March, and because his vacant place belongs to the fiscal Sr. Abraham Gabbema, and to the Secretary. Hendrick Lacus, again the fiscal office both recently had been supplemented by provisions at the presence of the returning fleet by the E. Heer Commissioner Harmen Klencke, and at the moment neither of them can be seen here missing or missing, we have taken into consideration the person of Jochum Blanck, present dispenser and garrison bookkeeper here, inasmuch as we dare to sufficiently assure ourselves of his capacity and suitability, consequently the same have now also authorised and instructed him to be ready at the appropriate time, to deal with the aforementioned. A whistle, in capacity as provisional chief, can depart alongside another 8 or 10 people. In the meantime, we will henceforth appoint the assistant Cornelis de Cretser as dispenser in his place, and to keep the garrison books, we will appoint and use Jan Frantsen Cuvelier, bookkeeper of the aforementioned Moorhen. Since this Cuvelier has been suffering from lameness for some time, and while present on land, he is reasonably beginning to recover. Therefore, nevertheless, his office of bookkeeper on the aforementioned whistle will be replaced by another suitable person, currently in place, and properly performed.

Thus done and resolved in Fort de Goede Hope on the day and year as above.

[Signed:] Z. WAGENAER.

[Signed:] ABRAHAM GABBEMA. 1663.

[Signed:] HENDR. LACUS.

Original Dutch transcription

Omme volgens de order onser E.E. Heeren Principalen in het vaderlandt bij derselver brieven in dato 23 Augusto en 6 December 1661 ontfangen de Madagascarse reys (die verleden jaer vermits d’ uijtgesette oorlogsvlooth na Mosambique heeft moeten gestaect blijven) dit jaer voortganck te doen neemen, hebben wij in plaets van ‘t Velthoen (dat in ‘t eerst bij haer voorn. Ede. wel tot die reys gedestineert was, doch naderhant per deses jaers retourvlooth mede na St. Helena Nova genomen zij) ‘t fluijtscheepje ‘t Waterhoen , daertoe aengeleijt en vaerdigh gemaect ten aensien ‘t selve op den 8en Meert jongstleden van voorgemelte Portuguese Fortresse doch onverrichter sake (omdat onse voorsz vlooth aldaer niet gevonden heeft) hier is comen te retourneren.

Ende na wij uijt de voorsz brieven als de instructie die welgemelte E.E. Heeren Meesters selffs voor ‘t derwaerts te gaen opperhooft ingestelt en ons toegesonden hebben cunnen apprehenderen, schijnt derselver ooghwit in die reijs alleen hierin gelegen te wesen om aldaer namentlijck op ‘t eylant Madagascar , ‘t sij in de Bhaeij St. Augustijn , Antongil , off eenige andere bequame plaets andermael een preuff van handel te nemen, en voor al te sien off men niet jaerlijcx boven goede parthije rijs, slaven, wasch277 en ander nootwendigheden meer oock eenige welgewilde coopmanschappen soude cunnen bemagtigen, opdat in ‘et toecomende al sulcke nodige behouften (die ons tot noch toe jaerlijcx met een expres affgesonden scheepje alleen van Batavia toegesonden zijn) mogten werden g’excuseert, tot welcken eynde gedugte haer Ede. gaern souden sien dat door d’ onse bij de Dians ofte lantregeerders in de voorn. baaij van St. Augustijn kon werden te weegh gebracht, dat wij aldaer een logie souden mogen oprechten, en in deselve een geduerigh verblijffplaetse nemen op dat in tijt en wijle conden vernemen wat eijgentlijck aldaer ten meesten nut en dienst der Generale Compe. soude moge[n] te verrichten wesen, dewijle dan tegenwoordigh tot de voorsz tocht ‘t rechte mousso[n] en bequaem weer begint in te treeden, Is te deser vergaderingh eenparigh verstaen geresolveert en vastgestelt, dat het voorn. scheepje op den 12en off uijtterlijck medio Maij aenstaende tot dien eijnde met een proper cargasoentje derwaerts uijt sullen laten vertrecken, onderentussen sullen besorgen dat soo veel bequaem timmerhout buijten in ‘et bos gereet gemaeckt, en zoo veel plancken gezaegt worden, als tot ‘et opbouwen van een kleijne beknoopte logie ofte wooningh aldaer soude mogen van noode wesen.

Tot uijtvoerder en bestierder van ‘t voorsz werck als om ginder aen lant voor opperhooft leggen te blijven, hebben haer Ede, in gemelte instructie gelieven te nomineren den persoon van sr.Roeloff de Manondercoopman en tweede perzoon deser residentie, Edoch dewijle deselve op den 5en der verledene maent Meert subijtelijck in den Heere is comen te rusten, ende dat desselffs vacant gelate plaets met den fiscael sr.Abraham Gabbema, ende met den Secretarissr. Hendrick Lacus, weder het fiscaelsampt beijde onlangs geleden bij ‘t aenwesen van de retour-vloot door d’ E. Heer Commissaris Harmen Klencke bij provisie gesuppleert zijn, en tegenwoordigh geen van beijden van hier versonden off vermist kan werden, Is bij ons in consideratie genomen den perzoon van Jochum Blanck tegenwoordigh dispencier en guarnisoen boeckhouder alhier, ten aensien wij ons van sijn capaciteijt en bequaemheijt genoegsaem durven versekeren, dienvolgende denselven hiertoe nu oock g’eligeert en aengeseijt hebben, om sigh tegen den geprafigeerden278 tijt gereet te houden, om met ‘t voorn. fluijtje in qualite als provisioneel opperhooft nevens noch 8 off 10 personen te cunnen vertrecken, Onderentusschen sullen wij voortaen in desselffs plaetse als dispencier den adsistentCornelis de Cretser, en tot ‘et houden der guarnisoenboecken Jan Frantsen Cuvelier boeckhouder van ‘t voorschreven Waterhoen stellen en gebruijcken, ten aensien, deselve Cuvelier geruijmen tijt met lammigheijt is gequelt geweest, en tegenwoordigh aen landt leggende redelijck wel begint weder op de been te comen, sulcx daerom niet te min desselffs ampt van boeckhouder op ‘t gemelte fluijtje insgelijcx weder met een ander bequaem perzoon bij provisie als nu becleet, en behoorelijck waergenomen wort.

Aldus gedaan ende geresolveert in ‘t Fort de Goede Hope ten dage ende jare als boven.

[Signed:] Z. WAGENAER.

[Signed:] ABRAHAM GABBEMA. 1663.

[Signed:] HENDR. LACUS.